Boekgegevens
Titel: Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Doesborch: Kets & Lambrechts, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-644
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201365
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Maria of Raadgevingen aan moeders, om hare kinderen, naar ligchaam en geest, behoorlijk op te voeden
Vorige scan Volgende scanScanned page
185
het imiiiers niet, en zal het ook niet gewaar wor-
den. Gij moet liet voor hem slechts zorgvuldig
bedekken , en op uwe hoede zijn."
Toen evenwel Godfried — aldus heette des
landinans zoon — naar huis kwam, en het vrien-
delijk aangezigt ^ijns vaders zag, zoo vermögt hij
niet even vriendelijk tot hem op te zien. Zijn ge-
weten verhief zich met te vreeselijke kracht, en hij
dacht: hoe kan ik met vrolijke opgeruimdheid eenen
vader aanschouwen, dien ik bedroefd heb. Het is
■mij als lag eene donkere sciiaduw over mijn ge-
ihcel bestaan.
Nu trad de vader kort daarop in den kring zij-
ner kinderen , ep reikte hun van de vnichten der
Jierfst, die hij van andere boomen geplukt had.
Allen snelden naar hem toe, en huppelden van
blijdschap, en aten met vrolijke harten. Godfried
alleen aarzelde, bedekte het gelaat met zijne han-
den, en brak in hevig snikken uit.
Thans hief de vader aan, en sprak: »mijn kind,
wat weent gij?" En godfried antwoordde: »ach,
ik ben niet waardig, dat ik uw zoon heet. Ik
kan het niet langer dragen, dat ik voor u geheel
anders verschijn , als ik ben en ook mij zeiven
moet beschouwen. Lieve beste vader, doe mij voor-
taan geen goed meer, maar straf mij, opdat ik
weer tot u mag komen en ophoude , mijn eigen
kwelgeest te zijn. Laat mij slechts hard boeten
voor mijne wandaad, want ik — ik heb de jonge
boompjes van derzelver vruchten beroofd."
Aanstonds reikte de vader den berouwvollen