Boekgegevens
Titel: Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Auteur: Marin, Pieter; Scheerder, H.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en Van de Grampel, 1826
Amsterdam: A. Bakels
2e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6334
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201359
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
32
Méthode Familière.-
De ingelanden, hetinge-
Het hart. (yand.
De knien.
De kuit.
Het been.
De bal van den voet.
De hielen.
De vijf zinnen:
Het gezigt.
Het gehoor^
De reuk.
De fmaak.
Het gevoel.
De hartstogten, enz.:
De liefde, de haat.
De hoop, de wanhoop.
De vreugd, de droefheid'
De deugd, de ondeugd.
De wijsheid, de dwaasheid.
Een droom.
Eene gedachte.
Een woord.
Een wensch.
Een zucht.
Een lonk.
Een kus, een zoen.
Eene belofte.
Eigenfchappen en toeval-
len des li^haams, enz
De adem.
Les entrailles (\\mouill.').
Le cœur.
Les genoux.
Le mollet.
Le gras de la jambe.
La jambe.
La plante du pied.
Les talons.
Les cinq sens:
La vue."
L'ouïe.
L'odorat.
Le goût.
Le toucher, le tact.
Les passions , etc. :
L'amour, la » haine.
L'espérance, le désespoir.
La joie, la tristesse.
La vertu, le vice.
La sagesse, la folie.
Un songe, un rêve.
Une pensée.
Un mot, une parole.
Un souhait.
Un soupir.
Une œillade (11 mouill.').
Un baiser.
Une promesse.
Propriétés et accidents
corps, etc.,
L'haleine.