Boekgegevens
Titel: Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Auteur: Marin, Pieter; Scheerder, H.
Uitgave: Amsterdam: Schalekamp en Van de Grampel, 1826
Amsterdam: A. Bakels
2e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6334
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201359
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Méthode familière, pour ceux qui commencent à s'exercer dans la langue française = Gemeenzame leerwijze voor degenen, die zich in de Fransche taal beginnen te oefenen
Vorige scan Volgende scanScanned page
t*
fdéth^ FamJfàre-
B<i verlfidene vuk.
Oy&r veertien 4&gen.
Het is eene mofititi geleden.
Drie maanden. 1
Een vierendeeljaars, 3
Zes maanden» \
Een half jaar. l"
Een jaar.
De jafirgetijden.
De. knte.
De zomer.
De herfsi.
De winter.
Een feestdag.
Nieuwjaarsdag.
Drie koniHge»,
Frouwen^g.
Vastm-avond.
. De vasten.
Pafchen.
Hemelvaartsdag.
Pinkfter.
De kermis.
Allerheiiigeti.
Sint Nfe9/t*afdüg.
Kersmis.
De dagen der we<sk :
Zondag.
Maandag.
Dingsdag.
Woensdag.
Donderdag.
Vrijdag.
Zaturaag.
l^a semaine iiassds.
Da«s tiuin^e jourji-
Il y a un mois.
ÇTrois mois,
^ Un trimestre.
VSix mois («),•
iUn semestre.
Un ^ une
Les saisons.
Le printemps iprekdatî}»
L'été.
L'autopine (^fifotw^.
L'hiver.
Un jour de fôte.
Le jour de l'an.
Les rois Çrpa).
La chandekuj-.
Mardi-gras.
Le carême.
Pâques.
L'ascension.
La Pentecôte,
La foire.
La toussaint.
La saint Nicolas.
Noël (jio-el).
Ees jours de la wainc :
Dimanche.
Lundi.
Mardi.
Mercredi (mè-ere^dt).
Jeudi.
Vendredi.
Samedi Qam-di).