Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
62
■begeerte geboord heeft. Niet alles zal dus ook voor elk een'
even begrijpelijk zijn in de volgende, anders op zich zelve
beschouwd zoo aardige, duidelijke en zoetvloeijende verzen
van huygens, die wij hier afwisselingshalve zullen invlechten,
als kunnende strekken tot een nieuw bewijs van het vernuft,
de veelvuldige keunis, en de nnbekrompene of liberale denk-
wijze diens grooten mans. Eenige sneldichten, te weten, ver-
vaardigd hebbende, waartoe spaansch proza hem de stof had
geleverd, maakte hij, bij hunne uitgave, eene voorafspraak,
of gelijk hg het noemt, voorspraak, van welke een gedeelte
dus luidt: (Men verlieze niet uit het oog, dat deze verzen
geschreven zijn denkelijk nog gedurende of kort na den
tachtigjarigen oorlog met Spanje, toen dus de vooringeno-
menheid en verbittering tegen alles, wat spaansch heette,
nog zeer sterk moeten geweest zijn.)
lek ben min Spaensch gesint als die 't op 't minste zijn :
Nochtans en schrick ick niet voor Spaenschen Most of Wijn.
''k Hebh Spaenschen Hutspott lief-, ick magh wel SpaenschePappen,
En, doe 't de mode was, bemind' ik Spaensche Kappen ;
Met Spaensche Vijgen is mijn schreyen dick gestilt;
'k Hebh Spaensche Kappers veel gegeten voor de Milt;
'k Houw veel van Spaensche Zeep in 't wasschenvan mijn' kleeren;
Voor Handschoen of Tapijt noch meer van Spaensche Leeren;
'k Hebb altijd Solinger voor Spaensche Klingh veracht;
Spaensch Laken keur ick voor de kostelickste dracht;
lek houd het Spaensche Hout het beste voor de Bogen ;
Spaensch Groen de snelste verw die oyt quam voor myn' oogen;
Spaensch' Inquisitie self hebb ick wat min gelaeckt.
Omdat se vierige van koele Geuzen maeckt ;
'k Hebb Spaenschen Doorn geplantt, en met vermaecksiengroeyen,
Om dat hy wasschen wouw, daer andere dood woeyen ;
lek hebb de Spaensche Broeck gepresen voor de Mans;
My docht, sy beter voeghd' als 't flodd'ren op sijn Frans;
lek houd' een Spaensch' Casack fatsoenliek met haer' mouwen ;
De Spaensche Lobb' en stond niet qualick voor de Vrouwen;