Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
169
Als hij de roestige boot van 't land naar d' anderen oever
Afsteekt, en H vaartuig op 't barnende meer in bedwang houdt.
Maar, schoon oud, hij geniet al de sterkte eener jeugdige grijsheid,
§ 195.
Door bet metrum of de versmaat verstaat men den aard en
de wyze van het uit voeten bestaande werktuigelijke samen-
stel van hetgene wij een vers noemen. Dus hebben b.v. de
volgende dichtregelen van huygens beurtelings eene versmaat
of metrum nu van zes en een half, dan van zes tweeletter-
grepige voeten:
Men sprack van Grietje sal volatile te geven;
Wat? sal volatile? riep lierman, aen mijn Griet?
Ey lieve geeft haer goed sal fixum, moetje leven,
Sy is m' alreê te vlugh, en fix met allen niet.
§ 196.
Door den rhythmus of den spraakval versta ik de met hare
voortgangen en rusten plaats hebbende natuurlijke wijze,
waarop de woorden, zinsneden en zinnen in een vers, of
verzen, zonder opzicht tot hun metrum, moeten of kunnen
worden uitgesproken. Aan de volgende fraaije vijfvoetige
rijmloo7.e jamben van den heer sxAniNG zoude ik dus den
volgendon rhythmus geven, schoon anderen misschien weêr
iinders verdeden zouden:
Terug, vermeetlen! | In de branding loert
De dood, | van 't steil der klippen, \ Boven haar
Ontvlamt de donderwolk. I Tei*ug! \ — Eilaas l
Beeds huilt de stormwind. \ De Oceaan verheft
Zijn waatren, \ met gebulder; | duisternis
Omhult het diep; 1 het raatlend zwerk verdooft
Des scheeplings angstgejammer; | toomloos vliegt
De kiel ten hemel; \ schiet ten afgrond neer, \
Botst krakend tegen H rif \ en is 7iiet meer, \