Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
143
moeten zoowel door zangerigheid, als door klankrijkheid, het
oor streelen. Ze zijn van schili.er, en schilderen ons, in den
edelen, oorspronkelijken en zacht dweependen toon van dien
uitmuntenden Dichter, eene treurende af, die, in eenzaam-
heid aan een' stroom gezeten, en hare tranen den vrijen
loop vierende, om een' gestorvenen geliefde weeklaagt, en
een heilige of beschermgeest deemoedig smeekt, dat zij uit
dit leven weggenomen moge worden. De Genius wordt ver-
ondersteld haar te verschijnen, maar vermaant haar heure
droefheid te laten varen, daar toch geene jammerklachten
in staat zijn, de dooden uit hun' ijzeren slaap weder op te
wekken. Hierop evenwel bidt de klagende, dat men haar ten
minste heure tranen late, als den eenigen troost, die den on-
gelukkige, na de verdwenen vreugd der liefde, nog over-
blijft. Het is deze laatstgemelde eeuwige waarheid, welke de
Dichter, op de volgende schilderachtige wijze, voorstelt;
schilderachtig, zeg ik; want zij levert ook aan het penseel
dadelijk eene bruikbare stof voor een klein tafereel op.
Der Eichwald brausei,
Die Wolken ziehn ;
Das Mägdlein sitzet
Am Ufers Grün ;
Es bricht sich die Welle mit Macht, mit Macht,
Und sie seufzet hinaus in die finstere Nacht,
Das Auge von Weinen getrübet.
i>Das Herz is gestorben.
Die Welt ist leer;
Und weiter giebt sie
Dem Wunsche nichts mehr;
Du, Heilige, rufe dein Kind zurück!
Ich habe genossen das irdische Glück,
Ich habe gelebt und geliebet."
Thans wordt de Genius verondersteld, aan de weenende te
antwoorden: