Boekgegevens
Titel: Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Deel: Dl. II Spraakkunst, stijl en letterkennis
Auteur: Lulofs, B.H.; Jager, Arie de
Uitgave: Amsterdam: A. Akkeringa, 1875
4e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6235
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201324
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mr. B. H. Lulofs' taalkundige werken
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
§ 146.
Meer schriftên zijn er te vinden in die oud-duitsche dia-
lecten der middeleeuwen, welke deels den naam van Prank-
duitsch en Allemannisch, deels dien van Saksisch, Neder-
saksisch, Nederrijnsch enz. dragen, al naarmate dat zij meer
tot de hoogere, ot tot de lagere tongvallen behooren. De
naam evenwel van Prankduitsch of Pranksch is wel eens een
algemeene naam voor het oud-Duitsch der middeleeuwen,
en ontleend van de Pranken, een' germaanschen volksstam,
of liever eene verzameling van germaansche volksstammen,
die, gelijk men weet, iu de vijfde eeuw zich van Frankrijk
meester maakten en de frankische heerschappij stichteden;
welke onder karel den grooten tot den hoogsten trap van
luister steeg, en zich over Frankrijk, Duitschland, een groot
gedeelte van Italië, de Nederlanden enz. uitstrekte. Is het
oud-Duitsch der middeleeuwen wat meer gebogen en gewij-
zigd naar de opperduitsche dialecten, die in het meer zui-
delijke en oostelijke Duitschland, den zetel der oude Alle-
mannen, te huis hoorden, en nog behooren, zoo wordt het
Allemannisch genoemd. Vooral waren onder dit laatste de
allemannisch-zwavische dialecten in wat later' tijd merk-
waardig. Meer uit de lagere noordduitsche of nederduitsche
gewesten afkomstig zijnde, voert het oud-duitsch den naam
van Saksisch, Nedersaksisch, Nederrijnsch enz. Dat het, voor
het overige, dikwerf moegelijk valt, den aard des tongvals,
waarin een oud-duitsch geschrift is opgesteld, nauwkeurig
te bepalen, gevoelt men lichtelijk. Vaak toch spelen in zulke
geschriften verschillende dialecten, evenals de kleuren eens
regenboogs in elkander, en de boofdverw kan nauwelijks
onderscheiden worden.
Lettergewrochten van onderscheiden aard komen er voor
In de dialecten, waarvan in doze § gesproken is. Tot de
voornaamste behooren: Eene vertaling van het latijnsche
geschrift des spaanschen bisschops isidorus de nativitate do-
mini, uit de zevende eeuw, zoo niet vroeger; — een kort
IL 7