Boekgegevens
Titel: Het onderwijs in de algemeene geschiedenis op gymnasia en Hoogere Burgerscholen met vijfjarigen cursus
Auteur: Kan, C.M.
Uitgave: [S.l.: s.n.], 1864 *
Opmerking: Overdr. uit: De Tijdspiegel
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6219
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201316
Onderwerp: Geschiedenis: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de geschiedwetenschap
Trefwoord: Geschiedenisonderwijs, Gymnasia, HBS, Nederland
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het onderwijs in de algemeene geschiedenis op gymnasia en Hoogere Burgerscholen met vijfjarigen cursus
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
slagen gevestiga. Nu was de politieke ge-
schiedenis daar om dit oordeel te beves-
iigen. Men kon er op wijzen, hoe ver-
schillende rijken (Assyrië, Ikbylonië,
Medië, Perzië) zich achtereenvolgens als
sneeuwlawinen over Azië uitbreiden , maar
bij gemis aan kracht en organische eenlieid
even spoedig verdwijnen en de prooi eens
nieuwen veroveraars worden; men kon het
den leerlingen duidelijk maken, hoe een
Alexander in driejaren het geheele oosten
kon onderwerpen.
Zou men op die wijze nog niet het
best kunnen profiteren van de oostersche
geschiedenis, vfaarvan het ware en ge-
trouwe verhaal zoo moeijelijk te geven is,
althans in zoo weinige handboeken gege-
ven wordt?
Van de oostersche rijken tot Grieken-
land overgaande, zou men, na het staats-
bestuur (Lycurgus, Solon) op zich zelf
beschouwd en met dat der oosterlingen
vergeleken te hebben, den leerling dui-
delijk kunnen aanwijzen, hoe de Griek,
bij meer vrijheid, een hooger begrip
van staat, een beter besef van en meer
liefde voor het vaderland bezat; hoe
zijne godsdienst en godsvereering, zonder
op zich zelve in zuiverheid en diepte van
gedachte met vele oostersche godsbe-
schouwingen vergeleken te kunnen wor-
den , toch alle hierarchie buitensloot, en
in plaats van sombere zelfpijniging en
afsluiting vrolijke feesten en spelen mede-
bracht; eindelijk zou men met geestdrift
Kunnen schilderen, hoe door kunst en
wetenschap, door onderlinge gelijkheid
voor de wet en 't gemis van eiken kas-
tengeest, het dagelijksch leven der Grie-
ken werd opgewekt en veredeld, zoodat
ten slotte èn dat vrije staatsbestuur èn
die opgewekte godsvereering, alsmede dat
vrije en gelijke verkeer der burgers on-
derling ons de reden aan de hand geven,
hoe een Griek van een vaderland spreekt,
voor dat vaderland sterft. Terwijl Azië
openstaat voor eiken komenden en gaan-
den veroveraar, wijzen de perzische oor-
logen (en zoo keerert wij tot de politieke
geschiedenis terug), op eene vaderlands-
liefde, die krachtig naar binnen eji krach-
tig ook naar buiten werkte.
Doch ook de andere zijde der schil-
derij moest getoond worden, hoe nl. de
te groote vrijheid tot eene teugellooze
democratie, ochlocratie en slavernij voerde;
in 't godsdienstige aanleiding gaf tot bij-
geloof, ongeloof en verbastering der zeden.
Ook nu weer kon de politieke geschie-
denis uitmuntend aan deze beschouwing
verbonden worden, zoo als ze ten deele
oorzaak, ten deele gevolg van dien
inwendigen toestand mag hseten: de
zes burgeroorlogen, de woelingen in af-
zonderlijke steden en staten, Philippus van
Macedonië van die verdeeldheid gebruik
makende, lichten de keerzijde toe, zoo
als de perzische oorlogen den schoonen
kant getoond hebben.
De belangrijke plaats, door Macedonië
in de geschiedenis der oudheid ingeno-
men, worde nu in het licht gesteld.
Terwijl de grieksche beschaving door
grieksche volkplantingen slechts over een
gedeelte van Europa en Azië was uit-
gebreid , was het Macedonië in den per-
soon van Alexander, dat Grieksche Kuituur
nu door kracht van wapenen over West- en
Midden-Azië uitbreidde; dan vertoont zich
de macedonische held in een geheel an-
der licht, dan toen men hem slechts als
veroveraar volgde; dan wordt zijn bijnaam
begrepen. Bij de gevolgen van Alexanders
togt zou men lang dienen stil te staan.
Rome's eigenaardige grootheid tegenover
Griekenland en het Oosten zou al weder in