Boekgegevens
Titel: Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Auteur: Letzer, J.H.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6125
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201287
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
(6
wel de spreektaal na, maar zang gaat zijn vermogen
te boven.
Eerst in het derde of vierde jaar zijn gehoor- en stem-
middelen zoo ontwikkeld, dat de zangstem een aanvang
neemt. Op dien leeftijd worden veel kinderen, menigmaal
uit noodzaak, naar de bewaarschool gezonden. Het is hier
de plaats niet, om de vraag te beantwoorden of de op-
richting van bewaarscholen wenschelijk en noodig is. Alleen
moet opgemerkt worden, dat enkele van die inrichtingen
aan het doel beantwoorden, n.l. de ontwikkeling der sluime-
rende vermogens, en — dat vele zulke scholen eenvoudig
bewaarplaatsen zijn.
Onder de bezigheden aldaar bekleedt het zingen een
eerste plaats. Er wordt dagelijks gezongen, en als de onder-
wijzeres in deze haar taak verstaat, zal eene verstandige
leiding van het gezang een degelijken grondslag leggen voor
de lagere school. Zij zal liedjes van kleinen omvang kiezen.
De woorden moeten recht kinderlijk en eenvoudig, de
melodie gemakkelijk en zangerig zijn, en de tonen binnen
het bereik der stem liggen. Zij zal voorts de zangoefeningen
met spreekoefeningen afwisselen en niet langer dan eenige
minuten achtereen laten zingen. Bovenal zorge zij op den
recht passenden toon in te zetten, noch te hoog, noch te
laag. Doet zij dit niet, dan zullen de kinderen den toon
niet treffen en de melodie niet volgen. Ieder van hen
zingt op zijn eigen wijs meê, en er ontstaat een verward
geschreeuw, dat allerminst op zingen gelijkt. De onder-
wijzeres behoort hare stem te voegen naar die der kleinen
en te trachten den kindertoon te treffen. De vrouwenstem
is uitnemend geschikt om het gezang te leiden. Buigzaam
als deze is, vindt het kind, door het bijzonder timbre dier