Boekgegevens
Titel: Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Auteur: Letzer, J.H.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6125
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201287
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
VUT.
Volkszang.*)
Wat verstaat men onder volksgezang? Het zijn zulke
liederen, die door de groote menigte, het volk, gezongen
worden. Ze zijn menigmaal uit het volk zelf ontsproten.
Ze gaan van geslacht tot geslacht, worden door bijna iedereen
gekend en geliefd en ten allen tijde gezongen. Onze naburen,
de Duitschers, zijn rijk aan volksliederen. Nederland is in
dit opzicht minder bedeeld, en wat te bejammeren valt, het
schijnt wel dat de weinigen langzamerhand in het vergeet-
boek geraken en plaats maken voor laffe en dubbelzinnige
liederen, als daar zijn: „Sientje, laat me los", „Térèruhom-
dejé", „Ad'de'', „Hier is de sal>el" e. a.
De middeleeuwen daarentegen zijn rijk geweest aan
volksliedjes, doch welke bijna alle verloren zijn gegaan.
Als een bewijs, dat die oude volksrefereinen algemeen ver-
spreid en geliefkoosd waren, kan dienen, dat de melodieën
der oudere gebezigd worden om de zangwijzen voor nieu-
were aan te geven. Zij bevatten zooveel schoons, krachtigs
en tegelijk liefelijks, dat men het bejammeren moet, dat
niet meer voor ons is bewaard gebleven.
De omwenteling der 16de eeuw deed de behoefte gevoelen
aan een nationaal volkslied, en zoo ontstonden verscheidene
') Men leze hierbij het Voorlericht in het boekwerk: „Nederlaudi-.ch
Volksliederenboek", door D. de Lange; c. s., Amsterdam, S. L. van Looy. '