Boekgegevens
Titel: Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Auteur: Letzer, J.H.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6125
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201287
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
(54
weder samen. De leerlingen noemen b.v. alle drieklanken
uit de tot dusver behandelde toonladders. Ook het vormen
van groote, kleine en verminderde drieklanken op een wil-
lekeurig gegeven toon is een uitstekende theoretische, e)i
het zingen van deze een uitnemend geschikte technische
oefening. De lagere stemmen zingen den grondtoon, de
middenstemmen de terts en de hoogere de quint, en wel
vooreerst zoodanig, dat de eerste zoolang wordt aangehouden
tot de tweede intreedt en deze beide samen weder tot de beurt
aan de derde komt. Dan worden de 3 tonen op een gegeven
oogenblik tegelijk gezongen. Ook l^an het eerst de quint
voorgaan, dan de terts en eindelijk de grondtoon volgen.
■ Op dezelfde wijze geven de 1ste en 2de omkeeringen
van deze drieklanken stof tot velerlei oefeningen. Men
dient hierbij wel te letten op den omvang der stemmen en
kieze alleen diegene, die binnen het bereik der stem liggen.
Aan het dictaat, als voortreffelijk middel om het muzi-
kaal gehoor en het waarnemingsvermogen te ontwikkelen,
kan nu ook hoogere eischen worden gesteld, door b.v. twee
of drie tonen, die harmonisch tot elkander staan, na elkaar
of tegelijk te laten hooren en noemen.