Boekgegevens
Titel: Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Auteur: Letzer, J.H.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6125
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201287
Onderwerp: Theaterwetenschap, muziekwetenschap: vocale muziek
Trefwoord: Zingen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Methodiek van het zangonderwijs in lagere scholen en zangscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
De samengestelde medeklinkers zijn:
z uit t en s.
X „ k „ s.
q „ k „ W.
sch „ s „ ch.
Zooals bekend is, wordt c vóór e, i en ij als s uitge-
sproken; vóór andere klinkers als k.
Het behoeft nauwelijks gezegd te worden, dat men
zich wachten moet voor verwisseling der verwant-
schapte medeklinkers, als g en k, b en p, d en t e. a.
Door deze verwisseling ontsümn belachelijke misver-
standen.
Twee verschillende medeklinkers naast elkander geven
wel eens aanleiding tot het tusschenvoegen van een, niet
daarbij behoorenden, klinker. Een enkel voorbeeld kan dit
ophelderen: de woorden bloed, kruis e.a. worden uitgesproken
als be-loud, ke-ruis. Het is onnoodig te zeggen dat men daar-
tegen moet waarschuwen.
Ten slotte moeten wij hierbij voegen, dat als regel geldt,
elke lettergreep met een klinker te doen eindigen, en den
slotmedeklinker eerst bij het begin der volgende lettergreep
te laten hooren.
c. Tweeklanken.
De tweeklanken vereischen in den zang een bijzondere
uitspraak. De eerste klinker is de gewichtigste, de tweede
is zwakker. Zoo mogelijk worden alle met u aangevangen
en eerst op het laatste oogenblik snel gevolgd door den ge-
heelen tweeklank.
Natuurlijk zijn de tweeklanken, die als eersten klinker a