Boekgegevens
Titel: Proeve van Platamsterdamsch
Auteur: Lennep, J. van; Halbertsma, J.H.
Uitgave: Deventer: J. de Lange, 1845
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6081
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201273
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Dialecten, Amsterdam (stad)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Proeve van Platamsterdamsch
Vorige scan Volgende scanScanned page
34
Blz. 7. PRAAUWMAJAKG: ^fajang duit den
vorm des praauws en niet de grootheid aan, gelijk
wij tjaJhcn en koffen hebben, die groot en klein
kunnen zijn , en door den vorm verschillen.
YEERTlG-PERSEi\TER , xvoekeraar, die 40 ten
honderd neemt, iets dat onder de Chinezen niet
ongewoon is.
8WARTE BOEK, schuldboek.
ZEE-DEYENTER-KOEKEN, inboorlingen van het
eiland Bali ten Oosten van Java , Deventer koeken
genaamd, om hunne bruine kleur, en zee-Deventer
koeken om hunne geschiktheid voor de kustvaart.
YROUWE-YERDRIET, de westmousson, die de
terugkomst van het scheepsvolk in het vaderland
tot verdriet hunner vrouwen vertraagt.
BREÜIDSEUIKERS, zijn de zakjes met sui-
kererwtjes enz. welke de rijken voormaals aan
hunne vrienden en bloedverwanten door de knech-
ten brengen lieten, als zij trouwden. Thans is het
nog in zwang bij burger- en boerenlieden , terwijl
rijke bruidegoms hypokras zenden. Het huwelijk
oudtijds een koop zijnde , waarbij de bruid uit de
magt van vader, voogd, broeder , of wie regt
op haar had, togen zekeren prijs los gekocht werd ,
zoo schijnt het schenken dezer zoetigheden door
den bruidegom aan de bloedverwanten der bruid,
nog een overblijfsel van het losgeld te zijn voor
de bruid, waarom het dan ook waarschijnlijk
bruidsuiker genoemd wordt.
Blz. 8. SLUIS, gelijk bekend is, te Amster-
dam elke steenenboog, die tot brug over het wa-
ter dient. Sluis, geboren uit het Middeleeuwsche
exdusa , of sclusa , beduidt anders eene afsluiting
van water, door middel van schutdeuren; maar
sedert sluis eiken vrijen doortogt van water betee-
kende , die door eenen steenen boog gedekt is , viel
men in den pleonasmus om schutsluis voor eene