Boekgegevens
Titel: Inleiding tot het Lehrbuch der deutschen Sprache
Auteur: Leopold, Johannes
Uitgave: Breda: P.B. Nieuwenhuijs, 1881
Nijmegen: H.C.A. Thieme
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6071
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201270
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Inleiding tot het Lehrbuch der deutschen Sprache
Vorige scan Volgende scanScanned page

1/
\i)X mnrt
fie maren,
ic^ leje ik lees,
lé), er lüê ik, hij las,
gelejeit gelezen.
14
cr iuar hy was, enz. er ï)atte hij had; enz. gefieben gegeven,
iüir maren mir fatten ^d) foufe ik koop,
if)r fiattet ïaufle ik kocht,
fie :^atten. gefauft gekocht.
i^reiÊe ik schryf,
er l'c^rieb ik, hy schreef,
. gef^rteben geschreven,
ic^ ïenne ik ken,
er ïannte ik, hij kende,
gefannt gekend.
Onze boer heeft zijne zwanen, ganzen, hanen, ossen, koeien,
paarden en zwijnen verkocht. — De zoon van den graaf heeft
de brieven aan den paus gegeven. — Hebt gü de honden en
de vossen, de vijvers en de paleizen van onzen vorst gezien? -
Hij heeft een riem papier vol (toolï) geschreven. '— De takken
der boomen waren vol vruchten. - Deze boeren hebben de
stallen vol koeien, ossen en paarden. — Koeien en schapen
zijn vrienden; wolven en honden, honden en katten zyn vyan-
den ; ook de Franschen en Pruisen zijn geene vrienden. —
Uw vriend, de smid, heeft de stoelen, tafels en banken aan
een' jood verkocht. - Ik ken het genot van het gewin en
het verdriet van het verlies. —
4.

®er gute ^rjt
be§ guten ^Irjteê
bent guten ^ïr^te
ben guten ^r^t.
andere anbere,
over über,
waar m, daar ba,
reeds fc^on.
van verre uon meitem,
Daè alte ^ferb
bc§ alten ^ferbeê
bem alten ^ferbe
baê alte ^ferb.
Wy hebben de torens der steden, de masten der schepen,
de tenten der soldaten en de paleizen des konings gezien. -
Ik zie van verre den stoom van den trein en van de stoom-
boot, — De hanen hebben kammen en de paarden hebben
hoeven. - De arme herder heeft alle vruchten van zyne boo-
men verkocht. — Hebt gij het begin van het verslag gelezen ? -
Ik heb het karakter van dien schoft reeds lang gekend. -
Hij heeft de noten aan den neef des armen herders en de
vruchten aan den zoon van den ouden smid gegeven. ~ Deze
oude philosoof heeft een boek over de schilden der helden,
over de gebruiken van vroegere (frü^erer) eeuwen en over de
rijkdommen van vroegere vorsten en koningen geschreven. -