Boekgegevens
Titel: Inleiding tot het Lehrbuch der deutschen Sprache
Auteur: Leopold, Johannes
Uitgave: Breda: P.B. Nieuwenhuijs, 1881
Nijmegen: H.C.A. Thieme
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6071
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201270
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Inleiding tot het Lehrbuch der deutschen Sprache
Vorige scan Volgende scanScanned page
101
übcvflclaitfen, loiiiticbte ju tutten übcrjitlaufen. (ïr jübetlauft mitb mit ici=
nen ®c[uchcn; et pflegte mid^ mit ieiiien Sejuchetiju überloufen.—UcÈcrfc^en:
ï)er 5nt)rmann jetitc mict) übev, tjat mit^ übcrgcjetjt, miinichtc mic^ überjuiehen.
24>ir iibcrfetjcii ben ïöricf inê gtanjbfiirhe, f)nbett benielben über|etit, uerjuditcu
benfetben 5U übetfelien. — Untcrtirürfcn: ïiabe mein Siegel unter=
flCDnirft; id) ftnnb int ■Segviffe mein Siegel unterjubrücten. gr unterbriidte
fein !SoI£, t;nt eê jihon Innge unterbriicft, fdjeut (ontziet) fid^ nidjt e§ ju
untevbviiden. — Vergelijk ook nog: De zee bruist, loeit enz. om
het eiland (heen); ba§ Weer brauft, tobt tc. um bie 3nfet (herum)
en het meer dichterlijke: De zee ombruist, omloeit enz. het
eiland; baë 9Jleer ntnbrauft, nmtobt ic. bie Snfet.
Het verschil in beteekenis. dat met het verschillend gebruik
van dergelijke samenstellingen gepaard gaat, blijkt duideiyk'
uit de bovenstaande voorbeelden. Komt de eigenlijke beteeken'is
van liet bijwoord krachtig uit, dan is de samenstelling scheid-
baar ; het hijwoord heeft dan natuurlijk den hoofdtoon. — Zoo-
dra echter de kracht van 't bijwoord op den aciitergrond treedt
en de samenstelling eene figuurlijke beteekenis krijgt, is de
samenstelling onscheidbaar. De klemtoon valt dan op het iverk-
woord. — Vergelijk nog: dóórloopen en doorlóópen, vóórzeggen
en voorzéggen, óndergaan en ondergaan, onderwerpen en on-
derivérpen, enz.
Scheidbaar zijn in 't Hoogduitsch de samenstellingen met:
06, an, ouf, 0U«, bei, tin, mit, 06, öor, ^cr, h«n, roicbtr, ju, jurüil,
jufommcn.
Opmerking 1. Aanöidden, waarvan het verleden deelwoord
aangebeden is in plaats van aanbeden, heeft in 't Hoog-
duitsch den klemtoon op on en is dus scheidbaar ■. bete
an, betete an, Ijabe angebetet, merbe ni^t aufboren ben §crrn anjubeten.
Opmerk: 2. Voorate« (oorherjeben), voorsefifgrew en voorspellen
(oorhetfagen) en voorkomen (judortotnnten) zijn evenzoo in 't
Hoogduitsch scheidbaar ; b. v. ®ag b«be icb längft nortjerge^
feben, oorbergefogt; mir hofften ibm juoorjufomnien.
Opmerk. 3. aBicberbóten (herhalen) is de eenige onscheidbare
samenstelhng met mieber.—SBiebcrboIen, scheidbaar, betee-
kent weder halen) berboten beteekent: hier halen-, §o(ebein
cinniat bet'
Opmerk. 4. De zelfstandige naamwoorden, bijvoeglijke naam-
woorden en bijwoorden, van samengestelde werkwoorden
gevormd of afgeleid, hebben in 't Nederlandsch zeer dik-
wijls den klemtoön niet op dezelfde lettergreep, die in het