Boekgegevens
Titel: Leesboek voor de volksschool
Deel: Dl. 8 Bonte steenen
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1875
5e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6038
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201247
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
84
46. - EENE SCHIPBREUK.
Stil! Wat was dat geluid, dat zich deed hooren boven
het geloei van den wind? — Een kanonschot?
Elsley bleef' luisteren, — het hoofd rechts en links wen-
dende, om het suizen van den wind in zijne ooren te ontgaan.
Eén minuut, en een tweede schot viel en weergalmde door
de lucht. Ook heel van dichtbij: hij verbeeldde zich zelfs
de persing van de lucht te gevoelen.
Nog één, — en nog één, — en daarop zag hij in het
dorp beneden hem lichten heen en weer vliegen. Eene schip-
breuk ?
Hij had nooit eene schipbreuk gezien. Hij zal trachten op
do hoogte te komen, hoe het waait en regent. Hij wordt
niet te leur gesteld. Eer hij honderd el ver gekomen is, loopt
eene n)assa wasdoek tegen hem aan, en uit het gekletter
der wapens herkent hij den nachtwacht der kustbewaarders.
»Hola! Wie is dat? Vraag excuus, mijnheer, ' zoodra de
man Elsley's stem herkent.
»Wat is dat? Wat beteekenen die schoten?"
»Dut weet de hemel, mijnheer! Ze zijn dichtbij, of op
de Kraaien-klippen, mijnheer, vreesik! Daar schieten ze nog
eens! De arme zielen zijn er slecht aan toe! God helpe hen!''
Alweer een schot en nog één; maar lang voordat Elsley op
de klip komt, zijn ze stil, en men hoort niets dan het geloei
van den storm, dat, hoe luid ook daar beneden in het woud,
nu op de opene duinen bijna ondraaglijk wordt.
Hij woi'stelt naar de klip en houdt daar hijgend stil, terwijl
hij die geweldige klanken tracht te ontleden, die hem hoofd
en ooren vervullen en als vurige wijn zijn bloed verhitten.
D^ schrijfster vorplaatet ons in het Z. "W. van Engeland in
eon Koostrtdjo; de personen, die genoemd worden en wier bekend-
heid hier weinig ter zake doet, xijn allen aan de kustwacht ver-
bonden, uitgenomen Klslcy, een ilichter.