Boekgegevens
Titel: Leesboek voor de volksschool
Deel: Dl. 8 Bonte steenen
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1875
5e, herz. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6038
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201247
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
422
het wilde gedierte niets toegaven in kracht en in omvang.
Ook hij scheen met Lumey denzelfden eed gedaan en
dezen van zijne onderhebbenden mede gevorderd te hebben.
Sedert geruimen tijd toch moest knevel noch baard gesnoeid
of gekort zijn; want het benedendeel van het gelaat school
daarin geheel weg. De inhoud van dien eed tuigde van de
woestheid dier eeuw, van de woede der Nederlanders, schier
gestegen tot razernij. Bij het vernemen van de onthoofding
van Egmond en Hoorne stak de Graaf Van der Marck zijne
vingers omhoog en lei hij zijne slinke hand op het Woord
Gods, zeggende: »Mij zal knevel noch baard worden ge-
schoren, zoolang ik de beide edelen niet gewroken heb."
Vreeselijke eed, te vreeselijker, daar hij, die dien aflei, de
bepaling aangaande de vervulling aan zich hield. Hoe de
Geus ook woedde, blakerde en moordde, nog was de gelofte
niet vervuld, nog was de bloedschuld niet betaald.
Barthold Entens voor zich dacht dan ook, dat wel nim-
mer het haarbos van zijn gelaat zoude verdwijnen, want
dat het "gestorven edelenpaar nooit voldoende konde ge-
wroken worden. Daarbij voegde zich bij hem de waan,
dat hij door God was voorbestemd, om een geesel voor
den vijand te zijn. Hoe vaak ook omringd, hij had eenen
uittocht gevonden, hoe vaak ook achterhaald, hij was
gevlucht, hoe vaak ook verslagen, hij was toch overwin-
naar gebleven. Hij had de gruwelen van den burger- en
godsdienstkrijg van nabij aangestaard. Lid van het ver-
bond der Edelen, was hij door Alva verbannen; maar trou-
wer dan de meeste zijner gelijken, had hij met Lodewijk
naar de wapens gegrepen, was hij met hem geslagen, ten
lande uitgedreven, totdat hij het geluk ter zee ging be-
proeven. Gescheiden van wat hem het dierst op aarde was,
buiten de wet verklaard, zwierf hij rond, en, waar hij den
voet aan wal zette, was het starrendak meest zijne tente,
de doorweekte grond van zijn vaderland meest zijn leger
geweest.
Maar hij nam bloedige wraak, toen de vlieboot zijn vaar-