Boekgegevens
Titel: Stofgoud
Serie: Leesboek voor de volksschool, 7
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6022
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201234
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Stofgoud
Vorige scan Volgende scanScanned page
Bladz.
der huiszwaluw is nog iets meer halfrond en heeft een nauweren ingang.
Bij het bouwen wordt het eene kluitje na het andere in den snavel
aangedragen, het eene op het andere geplakt en nu en dan met tusschen-
gevoegde lange haren of dunne strootjes bevestigd, en nooit wordt er
voortgemetseld, vóórdat de laatst aangevoerde stof gedroogd is. Op die
wijze verkrijgen de nesten zulk eene vastheid, dat zij wel zeven jaar
en langer gebruikt kunnen worden. Bij ieder nieuw broeisel behoeven ze
dan maar alleen gereinigd en opnieuw van binnen gevoerd te worden.
Daartoe dragen de zwaluwen zachte halmen, haren, wol en veertjes
aan. Onder al deze, tot de metselaars behoorende, soorten acht men
de kunstigste de Amerikaansche rotszwaluwen, welker bijzonder regelmatige
uit leem en zand gebouwde nesten in rijen naast elkander hangen.
De kunstvaardigheid der zwaluwen heeft reeds de opmerkzaamheid
van de natuurkenners der oudheid tot zich getrokken, en plinius ver-
haalt zelfs de wonderbare fabel, dat zij eens in Egypte in troepen van
duizenden eenen dam tegen de overstroomingen van den Nijl opge-
metseld hebben.
We hebben echter onder de vogels nog andere metselaars, die niet
minder goed hun werk verstaan. Wie kent niet de lijster? Wanneer
vroeg in het voorjaar het liefelijke gezang van dezen vogel ons hart
verrukt en het bosch met zijne prachtige bladergewelven in den heiligsten
aller tempels herschapen wordt, wien onzer komt het dan in de gedachte,
dat die meester in de zangkunst tevens zulk een weinig geëvenaarde
bouwmeester is? In de dichte takken van jeneverbes of dennestruik
vindt men, eenige voeten boven den grond, zijn nest, dat den regel-
matigen vorm van een halven kogel heeft en uit leem en koemest is
samengesteld. Van buiten is het met mos bekleed, van binnen met
vermolmd wilgenhout en met het speeksel der lijster keurig gepleisterd
en gladgemaakt. In dit kunststuk ligt echter nog iets eigenaardigs ver-
scholen, dat tot legenden en wonderverhalen aanleiding heeft gegeven,
en waardoor men in het Harzgebergte van „den blinkenden vogel"
hoort spreken. Wanneer namelijk het nest door regen of dauw vochtig
is geworden, dan geeft somtijds het vermolmde hout een phosphorisch
licht van zich, zoodat de lijster zelf midden in een gloeiend nest
schijnt te zitten.