Boekgegevens
Titel: Stofgoud
Serie: Leesboek voor de volksschool, 7
Auteur: Leopold, L.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1884
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6022
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201234
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Stofgoud
Vorige scan Volgende scanScanned page
K---------
6b
maar ligt wakker, om naar het aangename getik der regendroppelen te
luisteren. En den volgenden morgen.......
De lucht is blauw, en groen het dal.
Viooltjes bloeien overal
En lelietjes van-dalen;
't Is alles geur
En fleur en kleur.
En glans en gloed en stralen! —
31. — alkmaar in den kaastijd.
Kom op eenen Vrijdag-voormiddag in het kaasseizoen te Alkmaar. De
meer dan zeventig dorpen, die rondom de Noordhollandsche metropolis ')
liggen, hebben hun aandeel geleverd. Beemster, Purmer, Schermer,
Waard hebben zich leeggeschud in het kleine, nette stadje. Al de straten,
die in eene poort eindigen, en vooral de zoogenaamde Dijk, een breed
plein binnen de stad, staan vol van de geel en groen afgezette wagens
der boeren, op het krat beschilderd met bloempotten, krulletters en ge-
dichten. Al de stallen rooken van den damp hunner paarden, al de
bierhuizen en kroegen dampen van den rook hunner pijpen. Al de scheer-
stoelen prijken met hunne ingezeepte aangezichten. Waar ge komt: bij
den tabaksverkooper, in de koomenij, in den pottenwinkel, bij den
schoenmaker, die allen dubbel hebben uitgestald , — bij den notaris, den
advocaat, den dokter en ten huize van de duizend en één dijkgraven
en penningmeesters van polders, overal ontmoet gij eenen boer. De een
zoekt er den burgervader van zijn dorp, die, van Alkmaar uit, de
belangen zijner kinderen het best behartigen kan; de ander haalt bij
den smidsbaas een recept voor een ziek paard, dat deze nooit anders,
dan gezond, gezien heeft. Dat Alkmaar, al de overige dagen van de
week zoo stil en levenloos, dat het een stedeke schijnt, opzettelijk ver-
') (Letterlijk: Moederstad) de hoofdplaats, het middelpunt eener landstreek.