Boekgegevens
Titel: Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Auteur: Lagerwey, J.; Ludolph, L.J.C.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1863
5e, verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5818
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201183
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw Engelsch lees-, leer- en vertaalboek voor eerstbeginnenden
Vorige scan Volgende scanScanned page
23i bl. 110—IIG.
go against him , dat de zijnen weken, last ag'onies, einde , zieltogine.
to led on the charge, tot den aanval aanvoeren, moors (pr. moors),
mooren.
een merkwaa.rdtg voorbeeld van huwelijkstiiouw,
Clau'dins. Bo'man. Ar'ria. Caecin'na Tae'ius (pr. Pie-tus). pat'tern ,
voorbeeld, endow'ed^ gif tea. io endear', bemind maken, to prepare,
bezoreen. to pretend', voorgeven, to restrain', inhouden, serene, helder.
Camil'lus Scrihonia'nus. besought (o. v. t. van to beseech', smeeken).
aiten'dant, bediende, io wait upon', oppassen. to press, aanhouden, io
r-.'gard' an advi'ce , eenen raad volgen, delib'eraie, kloekmoedig, io per^
sist', volharden, dag'ger, dolk. gloom, somberheid, to stab, doorstekec.
de page en de kersen.
Bas'ket, mand. ihe whole, alle. how she had li'ked, hoe haar ... .ge-
smaakt hadden, liq'uorish , snoepachtig, sa'voury, smakelijk, dos'et, kabi-
net. take his receipt (pr. reciet) for it, neem fir ([niihui'm ssku. jewbanker,
joodschen bankier, wisselaar, cer'emonies, pligtplegingen. qui'te, volstrekt.
to comply', zich naar iets schikken, to settle an account, eene rekening
vereffenen.
broederlijke lieede.
Frater'nal, broederlijk. JFjschylus (pr. Fs'skielus), early, vroeg, defen'ce,
verdediging. (o. v. t. van io fght). Mar'athon. Sal'amis. Plaineae
(pr. Plaiie'a). po'etry {'^x. po'e trie), to devote, wijden, pub'lic pri'ze ,
openbare goedkeuring, io deern, oordeelen. ci'ied = sum'moned , gedag-
vaard. to rush, heendringen, io stain, bevlekken, blood (pr. blud), bloed.
consterna'tion, verslagenheid, schrik, witnesses, getuigen, inswmoun'ta-
ble, onverwinbaar, devo'tion, zelfopoffering, incalculable, onberekenbaar.
trium'phanlly, zegepralenil. smote (o. v. t. van to smite, verslaan), dis-
pla'ce , schande, ignom.in'ious, vernederend, laag.
onverschrokkenheid eener vroüw.
Te'male , vrouwelijk, io invest', omsingelen, con sum'mate , beproefd, to
bury, begraven, gar'rison, bezetting, distress, nood. breach, bres. an'imaied,
bezield, enthusias'tic, dwecpend, vurig, ctias'lrophe, (pr. kalas'trojie),
noodlottig t'inde. show'er , hui. cow'ar dly , lafiiartig. effec'tual, kracht-
dadig. li'ghted matches, brandende lonten, to blow to atoms, tot stof
vergruizen, in spite, in \^eerwil. remon'strance, vermaning, vertoog.
succes'sixe, achtereenvolgende, io repul'se , terugslaan, slaughter, slagtiuif.
concen'truie, zamentrekken. resolu'iion , beradenheid, indecis'ion, besluite-
loosheid. reinforce'ment, verstciking. Ji'nally, eindelijk, to compet-^ io force.
A