Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
90
25. Bepaal het KGV. van 2^.5, 2-".32.5, S^.ö^ en 23.3.52.
26. Bepaal het KGV. van 23.32.52, 62.7, 152.20, 5.122.14,
6.8.15 en 12.14.15.
27. Bepaal het KGV. van :
20, 48, 50, 60, 75, 80, 105 en 120.
28. Ook van:
75, 135, 144, 150, 180, 210. 250, 280 en 300.
29. Ook van:
180, 280, 350, 630, 720, 1080 en 1120.
30. Ook van:
289, 323, 340, .380, 493 en 580.
31. Maak 27—30 zonder rechtRtreeksche ontbinding der
getallen in hunne eenvoudigste factoren (§ 178).
32. Is bet noodig, dat by het bepalen van het KGV. al de
gegevene getallen worden ontbonden in hunne eenvoudigste
factoren ?
33. Kan het KGV. van eenige getallen wel gelijk zyn aan
het grootste dier getallen ?
34. Hoe vindt ge het KGV. van eenige onderling ondeelbare
getallen? (Vergis u niet).
35. Hoe vindt ge het KGV. van 3 op elkander volgende on-
evene getallen? En van 3 op elkander volgende evene?
36. Welk is het kleinste veelvoud van 120, dat deelbaar
is door 36 en 48?
37. Hoeveel getallen < 2400 zijn deelbaar door 8, 12, 15
en 20?
38. Welke zyn de kleinste opeenvolgende getallen, die respec-
tievelyk door 9 en door 10 deelbaar zyn ? En welke
zyn de beide volgende paren van getallen, die aan deze
voorwaarde voldoen ?
39. Welke zyn de kleinste opeenvolgende getallen , die respec-
tievelyk door 6, 7 en 8 deelbaar zijn? En welke zijn
de beide volgende drietallen van getallen, die aan deze
voorwaarde voldoen ?
40. Van welke 2 getallen tusschen 10 en 20 is het produet
270 en het KGV. 90?