Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
vermeerderd werd, verkreeg men 50 maal het vermenig-
vuldigtal. Wat was de vermenigvuldiger?
36. Hoeveel zal een produet grooter worden, als de beide
factoren met 25 worden vermeerderd?
37. Toen van eene vermenigvuldiging het vermenigvuldigtal
met 7 werd vermenigvuldigd en de vermenigvuldiger met
1040 vermeerderd, werd het product 35 maal zoo groot
als eerst. Hoe groot was de vermenigvuldiger?
38. Van welke vermenigvuldiging is de som van de twee
factoren en het product 251 en de vermenigvuldiger 8?
39. Iemand moest met 908 vermenigvuldigen, doch plaatste
de beide gedeeltelijke producten recht onder elkander en
kreeg toen 1071873 te weinig. Wat was het vermenig-
vuldigtal ?
40. Een ander sprong bij vermenigvuldiging met 9007006 by
de nullen telkens maar één cyfer in. Zyn product werd
daardoor 178326000 te klein. Wat was het vermenig-
vuldigtal?
41. Hoeveel is het product van 8 TM. 48 TD. en 96 E.
met 45 HD. 3 T. en 259 E.?
42. Hoeveel is:
a. 200—128X13—4x17—8(27—8)
b. 3260—(9X19—8)(27—8),
c. 5[9X17—3 I 25—6(2X13—24) I 1?
43. Is 320—65—38—79—87—11 =320—(65-1-38+79
+87+11)? Waarom? Hoe past ge dit toe op opgaven
als 42«?
44. Hoeveel is:
a. 32x23x55x72,
h. 22^x3S'X52',
c. (132+82)(132—82)?
45. Beproef onderstaande producten te bepalen door de be-
werking te beginnen aan de linkerzijde der getallen :
a. 8X79064,
h. 2076x930804.