Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
22
de naam eener eenheid ook niets ter zake. De aftrekking
van benoemde getallen is daarom geheel dezelfde als die der
•nbenoemde.
Men houde echter in 't oog, dat alleen gelyknamig benoemde
getallen kannen worden afgetrokken, of zulke ongelyknamige,
die gemakkelijk als gelijknamige kunnen worden geschreven.
Zoo is b.v.:
583 KG. — 256 KG. = 327 KG.,
1890 centen — 967 centen = 923 centen.
en ook:
4 A. — 250 m = 400 M2 -- 250 M^ = 150 M^,
8 HL. — 425 dM3 = 800 dM^ _ 425 dSP == 375 dM^.
Een verschil van 2 benoemde getallen is derhalve
steeds gelyknamig met aftrekker en aftrektal.
§ 63. Opgaven.
1. Wat is aftrekken ?
2. Wat verstaat men door het verschil van twee getallen?
3. Wat noemt men een gedeeltelyk verschil?
4. Hoeveel gevallen van aftrekking zijn er?
5. Welk onderscheid ziet ge tusschen de beide voorbeelden
van § 56?
6. Verklaar de aftrekkingen:
97638 — 34515,
25683 — 8979,
30052 — 7689.
7. Bereken op de eenvoudigste wyze uit het hoofd:
67 — 9, 83 — 28, 181 — 75,
342 — 97, 857 — 387, 1.325 — 492,
4683 - 976, 8647 — 6993.
8. Hoeveel wordt een verschil grooter of kleiner, als af-
trekker en aftrektal beide met 25 worden vermeerderd
of verminderd?
9. Hoeveel wordt een verschil grooter, als de aftrekker
met 80 wordt verminderd en het aftrektal met 70 wordt
vermeerderd ?
10. Hoeveel wordt een verschil kleiner, als het aftrektal