Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
162
§ 302. Behalve de eigenlyke munten bestaan in vele landen
nog de zoogenaamde negotiepenningen. Deze zyn geen
wettig betaalmiddel, doch niet anders dan een handelsartikel.
Hunne waarde regelt zich naar den prys van het goud. Ze
worden ook op de Ryksmunt geslagen. In ons land zijn de
gouden dukaat (middellijn 21 mM., gewicht 3,494 G., gehalte
0,283, waarde + ƒ 5,25) en de dubbele gouden dukaat (middel-
lijn 26 mM.) de negotiepenningen. Vóór 1875 werden in ons
land als zoodanig ook nog aangemunt de gouden Willem (+ƒ 10)
en de halve en de dubbele gouden Willem.
In landen als Rusland en Oostenryk-Hongarye, die den
zilveren muntstandaard hebben, moeten de gouden munten, in
den laatsten tyd daar geslagen, ook als negotiepenningen worden
beschouwd.
§ 303. Ten gerieve van den groothandel is men er van liever-
lede toe gekomen ook papieren geld in omloop te brengen.
Eerst geschiedde dit door groote bankinstellingen, later ook
door de Regeeringen. De waarde op dergelyk geldswaardig
papier vermeld, behoort voor een groot deel aan edel metaal
voorhanden te zijn. In Nederland bestaan muntbiljetten
van ƒ10 en van ƒ50. Deze kunnen ten allen tijde tegen stand-
penningen worden ingewisseld.
Bovendien mogen door de Nederlandscbe Bank (te Amsterdam
gevestigd) bankbiljetten worden uitgegeven. Men heeft ze
van ƒ25, ƒ40, ƒ60, ƒ 100, ƒ200, ƒ300 en ƒ1000, die alleen
daarom het er op vermeld bedrag waard zijn, omdat de Neder-
landscbe Bank een onbepaald vertrouwen geniet en altijd bereid
is ze tegen gereed geld in te wisselen.
§ 304. In Frankryk, de bakermat van het metriek stelsel,
werd ook het muntstelsel daarmede eenigermate in over-
eenstemming gebracht.
Daar zyn b.v. zilveren munten, die 25, 10, 5, 2,5 en 1
Gram en bronzen, die 10, 5, 2 en 1 Gram wegen.
In ons land weegt de munteenheid, de gulden, juist één
Decagram (10 Gram, 0,01 KG.), de rijksdaalder 25 Gram, de
halve gulden 5 Gram.