Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
138
repeteerend zyn. Dan worden de perioden, als by de optelling, door-
geschreven, totdat het verschil weder eene periode vertoont. Zy b.v.
het verschil gevraagd van 13,708 en 2,5072. Men verkrijgt dan :
13,768686868686868 . .
2,567267267267267 . .
11,201419601419601 . .
Het verlangde verschil is derhalve 11,2014190. Ook deze
bewerking zou men weder door middel van de gewone breuken
kunnen doen. In het dagelyksch leven komen aftrekkingen met
eindelooze tiendeelige breuken evenwel nooit voor.
§ 262. Oiigaven.
1. Spreek 97386,40087352 uit op drieërlei wijze.
2. Hoeveel is de betrekkelijke waarde der beide achten van
het vorige getal?
3. Hoeveelmaal is de 3 achter het decimaalpunt in de andere
begrepen? (Zie N^ 1.)
4. Verandert de waarde van eene tiend, breuk ook, als er
één of meer nullen worden achtergeschreven ?
5. Kunnen de optelling en de aftrekking van tiendeelige
breuken en getallen even goed na die der geheele getallen
behandeld worden, of moeten die der gewone breuken en
gemengde getallen voorafgaan ?
6. Bereken en verklaar:
«. 0,687+0,58-f0,7693+0,479+0,8,
b. 5,863+2,9+7,968+23,06975-t- 8,6427.
7. Maak N°. 6 ook eens met gewone breuken en gemengde
getallen.
8. Wys de overeenkomst en het verschil aan tusschen beide
manieren van bewerking.
9. Hoeveel is:
a. 8,.5t.+7,96h.+25,3d.+8,796t.+3,5td.,
h. 7,96t.+8,357d.+8,7963h.+7,52hd.+0,08h.,
c. 9,273d.+2,57td.+0,079hd.+8,8im.+6,7835h.,
d. 2,876td.+397,4m.+2,873t.+287,3td.+0,05d. ?