Boekgegevens
Titel: Beginselen der rekenkunde
Auteur: Labberton, Alb.
Uitgave: 's-Gravenhage: Gebroeders van Cleef, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5890
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201179
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der rekenkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
137
De verlangde som is derhalve 33,7342(5.
Ook kan men natuurlyk de gegeven breuken eerst alle tot
gewone herleiden en de opgave verder in zulke breuken be-
werken, om daarna de uitkomst weder tiendeelig te maken.
Men zou dan echter nog al langs een' omweg gaan.
In vraagstukjes aan 't dagelyksch leven ontleend, komen
dergelyke optellingen echter niet voor.
§ 259. Ook de aftrekking der decimale breuken of getallen
sluit zich geheel aan bij die der geheele getallen. Zij b.v. het
verschil gevraagd van 25,003 en 13,4759, d.i. van de gemengde
getallen 25^1,„oo en
Op de gewone wyze bewerkt zou men dan verkrygen:
24 10000
100.30
4759
11 52^71
róooo
Door beide getallen te schrijven als in § 256 voor de optelling
geschiedde, heeft men:
25,003
13,4759
11,5271
welke bewerking, hoewel niet wezenlijk van de voorgaande
verschillend, toch veel eenvoudiger is. Alle aftrekkingen van
tiendeelige breuken of getallen worden daarom dan ook op deze
manier ingericht.
§ 260. Voor de aftrekking van tiend, breuken of getallen,
hetzy onbenoemd of benoemd, hebben wy dus den
Regel. Jfen Kchrijft aftrektal en aftrekker zoodanig onder elkan-
der, dat de hekle derimaalpunten, en hierdoor ook al de deelen
eener zelfde orde, recht o)ider elkander komen te staan. Hierna
denkt of schrijft men mdlen op de ledige plaatsen, zoodat heide
getallen evenveel decimalen tellen, en verricht verder de aftrekking
cds bij geheele getallen.
§ 261. 't Zou kunnen gebeuren, dat één of beide getallen