Boekgegevens
Titel: Het reken-onderwijs in de laagste en middelste afdeelingen der volksschool: eene nieuwe methode
Auteur: Laan, R.C.; Pelt, D. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5871
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201170
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het reken-onderwijs in de laagste en middelste afdeelingen der volksschool: eene nieuwe methode
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
En dan:
5 c. + 5 c. 10 cent, of 1 dubbeltje,
dus 7 c. + 6 c. = ... cent, of...... enz.
Eindelijk:
2 centen + 4 halve centen, maakt ... centen.
4 centen + 6 halve centen, maakt ... centen.
7 centen -f- 2 halve centen, maakt ... centen, enz.
Hl.
In dit volgend gedeelte wordt nog heel wat stof ter be-
handeling aangeboden. De ruimte laat niet toe, die stof verder
te bewerken. Een goed onderwijzer heeft, dunkt ons, uit het
voorgaande onze methode begrepen.
a. Teekenen 4 tuinbanken, elk met 3 strepen. Tellen de
stukken hout. Op de eerste bank 4, op de tweede 3, op de
derde 2, op de vierde bank 1 jongentje teekenen. Voor men
zóó ver is, reeds allerlei vragen. Hoeveel banken zijn er nog
ledig? Wat zijn er meer: jongens of banken? Hoeveel jongens
zijn er op de eene bank meer dan op de andere? — De
jongens vau de eerste bank loopen weg? Uitwisschen, ver-
anderen. Allerlei vragen, enz.
è. Teeken in bloempotten 3 rozestruiken, aan de middelste
6 rozen, aan de andere 4 en 5 rozen. Hoeveel rozen ziet ge?
De kleine Anna zal voor Moeders verjaardag een ruiker maken.
Vader helpt. Vader knipt van elke rozenstruik 3 rozen af.
Teeken die in den vorm van een ruiker. Allerlei vragen onder
het knippen.
c. Teeken op de lei eene lange plank. Verdeelt die in zes
even groote stukken. Hoeveel keeren moet de man daarvoor
zagen? — Hoeveel strepen ziet ge op de lei? Hoeveel lange
strepen ziet ge? Deelt nu door eene lange lijn alle stukken
weer middendoor. Hoeveel stukken zijn er nu? — Eene vrouw
verbrandt 3 stukken. Wischt die op uwe leien uit. Hoeveel