Boekgegevens
Titel: Het reken-onderwijs in de laagste en middelste afdeelingen der volksschool: eene nieuwe methode
Auteur: Laan, R.C.; Pelt, D. van
Uitgave: Schiedam: H.A.M. Roelants, 1875
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5871
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201170
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het reken-onderwijs in de laagste en middelste afdeelingen der volksschool: eene nieuwe methode
Vorige scan Volgende scanScanned page
110
§ III.
aa. In deze paragraaf zullen we leeren deelen. Eerst nogmaals
deze oefeningen, gevolgd door meerdere van deze soort.
6 X . = 30
. X 2 = 6
. X 7 = 28
7 X . =55
. X 8 = 72
. X'6 60
X 4 = 8
X 4 =: O
X 7 = 49
8 X . = 40
6 X . = 54
9 X . == 63
ii Kinderen, handen naast de leien: ik zal u eene som
opgeven. Twee kinderen moeten 18 peren deelen. Hoeveel
peren krijgt elk? — Piet, gij bij het bord. — De vorm aldus:
p. p.
2 j 18 ^ 9 elk kind.
NB. Staarten mogen bij het deelen niet voorkomen.
De redeneering zij aldus: „de helft van 18 p. is 9 p." Nu
behoeven ze niet te zeggen: 9 X 2 t=: 18; en die 18 niet
te schrijven onder het deeltal. Het rekenen op de lei moet
enkel het rekenen uit het hoofd steunen.
cc. Vijf menschen moeten f 45 deelen. Hoeveel elk?
45 /'ƒ9 elk mensch.
)/« (
dd. Negen pond zout kost 54 cent. Hoeveel 1 pond.
ee. Acht broodjes kosten 48 cent. Hoeveel 1 brood?
ff. Vier jongens hebben den tuinbaas geholpen, daarom
mogen ze onder elkander 32 peren deelen. Hoeveel mag elk er?
gg. Zeven lammeren kostten laatst f 42. Hoeveel kostte
dan 1 lam ?
hh. Drie ons suiker kost 24 cent. Hoeveel kost dan 1 ons?
Mina, gij bij het bord.
NB. De vorm aldus: 3 \ 24 cent / 8 cent het ons.
j 24 cent ^