Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 51 )
waarnemers. Stellen wij al verder, dat de 2on
des morgens in k zij, dan zal de liciitftraal, die
zij van k naar t werpt, niet in eene regte lijn 'naar
s voortloopen, maar in den dampkring, bij ge-
broken, en van daar, langs i a, naar de plaats
des waarnemers overgebragt worden. Is dc Zön,
door hare fchijnbare beweging, des avonds in p
gekomen, dan wordt de ftraal, welke zij in den
dampkring fchict, bij r gebroken, en vervolgens
uit r, langs r a, naar het oog des waarnemers
overgevoerd. •'
Dit verfchijnfel, hetwelk men, in de Natuiu'-
kunde. Refractie of Straalbreking noemt, is
ondertusfchen oorzaak, dat niet alleen de Zon,
maar ook alle overige hemelligchamen, altijd hoo-
ger boven den Horizon fchijncn te zijn, dan we-
zenlijk plaats heeft. AVant,. offchoon de Zon in
k, en dus nog werkelijk onder den Gezigteinder
is, zal de waarnemer in a zich verbeelden, de-
zelve reeds bij O aan zijnen Horizon te zien,
terwijl hij haar, des avonds, nog bij W aan zijnen
Horizon gelooft te zien, wanneer zij reeds in p,
en derhalve onder denzelven is. Hoe hooger ech-
ter de Zon boven den Horizon komt, hoe minder
de Refractie wordt, en in het Toppunt, waar
alle breking ophoudt, is dezelve gelijk aan nul.
D 2 Mor-