Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
( )
het ware Oosten of Wcstai begrepen is, derzelver
•tvarc op- cn ondergang genoemd; O ^ is derhalve
de ware opgang en W i/ de ware ondergang der
Zon.
Wanneer men de dagelijkfche beweging der Zon
eenmaal wel begrepen heeft, zal het door fig. 28
duidelijk worden, hoe, door deze fchroefbeweging,
hare jaarlijlcfche, of beweging in haren weg, ver-
oorzaakt wordt.
Laat, te dien einde, Z P N /> de Meridiaan,
en Z W N O de Horizon van de plaats of het
ftandpunt A verbeelden; voorts P de Noord- en p
de Zuidpool des Hemels, E W V O de Evenaar,
en 25:£i:<-V3T de Ecliptica. Onderftellen wij
wijders, dat de Zon bij V is, of zich in dat punt
van haren loopkring bevindt, waar men haar om-
ftreeks den 2ifl:en Maart waarneemt, dan zien wij
al aanftonds, dat de Zon, wier paralel- of dagcir-
kel alsdan de Evenaar zelf is, bij O, en dus regt
in het Oosten, opkomt, en , na bij E door den Me-
ridiaan gegaan te zijn , bij W, of regt in het Wes-
ten , ondergaat. Indien men nu onder het oog
houdt, hetgeen bereids door ons is aangemerkt,
dat, namelijk, de fchijnbare loop der Zon gefchiedt
in cirkels, die bellendig van middelpunt verande-
ren , dan volgt ook, dat zij niet altijd bij het fter-
rebeeld V kan blijven, maar dagelijks in andere
punten van den Horizon moet opkomen en onder-
gaan ,