Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
<: 27 )
een bos pennen windt. Op de meeste plaatfen van
den Aardbol fnijden deze cirkels den Horizon in
eene fchuine rigting; onder den Evenaar daar-
entegen rcgtboekig, terwijl zij onder de Volen even-
wijdig aan denzelven loopen. Op die plaatfen,
waar zij den Horizon fnijden, wordt de Zon ge-
zegd op- en onder te gaan. De bogen, welke
alsdan boven den Horizon liggen, dragen den naam
van dagbogen, en die onder denzelven zijn, dien
van nachtbogen. Beide deze bogen worden door
den Meridiaan weder in twee gelijke deelen gedeeld,
welke halve dag- cn halve nachtbogen genoemd
worden.
Zij, ter nadere opheldering, in fig. 27, P de
Noordpool en p de Zuidpool des Hemels , E WVO
de Evenaar; voorts Z P N de Meridiaan en
Z O N W de Horizon van dc plaats A, dan is
van den cirkel bede, welke eenen paralel- of
dagcirkel van de Zon verbeeldt, en, evenwijdig
aan den Evenaar loopende, den Horizon in b en d
fnijdt, de boog b c d ^oxi dagboog, en dc boog
J £ ^ een nachtboog van de Zon; — b c exi c d
zijn alzoo halve dagbogen, d e m e b daarentegen
halve nachtbogen. Bij b komt zij des morgens
op, bij c is zij des middags aan den Meridiaan,
bij d gaat zij des avonds onder, en bij e is zij te
middernacht. — Voor het overige wordt dat ge-
deelte van den Horizon , welk tusfchen het
punt, alwaar de Zon opkomt of ondergaat, en
het