Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 8 )
in de burgerlijke zamenleving zeggen; den loden
Noyetnber, des morgens ten 9 ure, dan zeggen de
Sterrekundigen: den 9den November ai ure, en
dat is hetgeen men den Aslronomifchen of Sterre-
kundigen tijd noemt.
Jaartellingen.
Schoon alle volken daarin met elkander overeen-
ftcmmcn, om den tijd bij jaren, maanden, weken,
dagen, enz. af te meten, fchijnen echter merk-
Vv^ardige gebeurtenisfen, bij voorbeeld: de vernieu-
v/ing der Olympifehe fpelen, door ipiiitus; de
bouwing yan Rotne, door romulus, en andere,
het tijdftip bepaald te hebben, van wa^r zij hunne
jaren beginnen te tellen.
De voornaamftc Jaartellingen, zoo der oude als
nieuwe volken, zijn de volgende:
I.) De Jaartelling, beginnende met de
Schepping of het begin der Wereld. Van dit tijd-
ftip tot op de geboorte van CHRISTUS, moeten,
volgens deze jaartelling, 3761 jaren geteld wor-
den, aanvangende met den eerften dag der m^and
Tisri, bij de Joden nog heden Ros Hosfana, dat
is. Hoofd des Jaars, genoemd: het toekomende
jaar 1826 is dus, ingevolge die bepaling, het
5587ftc jaar na de Wereldfchepping.
£.) De Jaartelling der oude Grieken, haren san-
van?