Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
C "3 )
ren; of — daar men zich, in het fpreken, meest-
al aan de fchijnbare, en niet aan de ware bewc'«
ging houdt — de tijd, dien dc Zon bedeedt, om
liaren fchijnbaren loop door den Zonneweg te vol-
brengen. Men noemt dergelijk jaar een Zonne-
jaar, ter onderfcheiding van een Maanjaar, waar-
van wij dadelijk met een enkel woord iets zeggen
zullen. De onderlinge werking der Planeten op
elkander, en dus ook op onze Aarde, fchijnt ech-
ter hare jaarlijkfche beweging aan eene geringe
verfnelling of vertraging te onderwerpen, cn oor-
zaak te zijn, dat de jaren niet altijd even lang
zijn, maar fomtijds eenige oogenblikken van elkan-
der verfchillen: „ In het jaar 3192, vóór onze
„ tijdrekening," zegt deswege dc Heer de gel-
DiTR, in de noot op pag. 149 van zijne door ons
bereids aangehaalde Vertaling, „ was het zonne-
'„ jaar op het grootst: het neemt thans beftcndig
„ af; in het jaar 2170 zal het aan het middel-
^ bare, aan 365 dagen, 5 uren, 48 minuten en
„ 45 fekonden, gelijk zijn, cn in het jaar 7648,
„ op het kortst zijnde, 47",6 korter dan het mid-
„ delbare jaar zijn."
Wat de afmeting van den tijd bij maanden be-
treft, deze is van de beweging der Maan ontleend.
Eene Maand is de tijd, dien de Maan be-
fteedt, om haren loop om de Aarde te volbren-
gen. Twaalf dergelijke maanden, welke beurtc-
H lings