Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 90 )
Zij, te dien tindc, P E V P de Aarde {fig,
45), C haar middelpunt, en tevens de plaats,
waar zij zich in haren weg om de Zon bevindt,
Z de Zon, Z S die Zonne- of Voerjlraal, welke,
verlengd zijnde, door het middelpunt der Aarde
gaat, en gezegd wordt op hare oppervlakte, en
wel voornamelijk op dat punt, waar zij dezelve
fnijdt, regtftandig of loodregt te vallen; voorts
E V de Evenaar, H G en K F de Pool- en S R
en L O de Keerkringen, P de Noordpool, p de
Zuidpool en P /> de yfj, jegens de Zon, in opzigt
tot de voerftraal, eene fchuine rigting hebbende.
Bij eene aandachtige befchouwing dier figuur
nu, zien wij
1.) Dat de eene helft van het oppervlak der
Aarde naar de Zon gewend is, terwijl de andere
helft van dezelve afgekeerd ftqat: die helft der-
halve, welke naar de Zon gekeerd is, wordt door
dezelve verlicht, en heeft alzoo dag; de andere
helft, daarentegen, bevindt zich in het duister,
en heeft nacht. Beide deze deelen worden van
elkander gefcheiden door eenen cirkel, fchaduy/cir-
kel genoemd, die door het middelpunt der Aardè
gaat, cn G K tot middellijn heeft: het gedeelte,
hetwelk, ten opzigte van de Zon, ten Oosten ge-
legen is, noemt men de oosthelft, en het andere
gedeelte de y/esthelft van den fchaduwcirkel.
a.) Dat, wanneer de Hand der Aarde, met
bc-