Boekgegevens
Titel: Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Auteur: Kwantes, J.; Wijk, J. van
Uitgave: Amsterdam: S. de Grebber, 1828
2e onveranderde uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5819
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201158
Onderwerp: Astronomie: kosmologie
Trefwoord: Kosmografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aanleiding tot de wiskundige aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 88 )
ben, is het klaar, dat de Aarde gedurig van af-
ftand tot de Zon veranderen moet, gelijk wij dan
ook uit de figuur kunnen opmaken; want in F,
b. v., is zij verder van de Zon verwijderd, dan
in ß, en, omgekeerd, in K nader bij dezelve,
dan in D; in A wordt zij gezegd in haar Apke-
lium of verfte punt, en in P in haar Perihe-
lium of naaste punt van de Zon te zijn: is
zij in E of G, en dus in het midden van haren
grootften en kleinften afftand, dan wordt Z E of
Z G de middelbare afßand genoemd, terwijl men
Z C, of hetgene de Zon buiten het middelpunt
ftaat, de uitmiddelpuntigheid des loopkrings noemt.
Naardien, verder, de aantrekkende kracht der
Zon, bij het vermeerderen der afftanden, vermin-
dert, volgt ook, dat de beweging der Aarde niet
altijd even fnel kan zijn, maar verminderen moet,
naar mate de Aarde zich van de Zon, of het
middelpunt van beweging, verwijdert. Hieromtrent
heeft echter eene beftendige wet plaats, wier ont-
dekking wij insgelijks aan den vermaarden kepler
te danken hebben, te weten: dat van eenen ellip-
tifchen loopkring, in gehjke tijden geene gelijke
logen worden afgelegd, dat is, wanneer, b. v.
de bogen A F en D G even groot zijn, de Aarde
meer tijds befteedt, om van A naar F, dan van
D naar G te loopen — maar wel: — dat door
de regte lijn, welke van de Aarde naar de Zon
getrokken wordt, en den naam van Voerßraal
draagt,