Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Auteur: Kuyper, Theunis; Lubach, Douwe
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1885
5e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201151
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
81
geiten, en dat het met eene zoo zachte wollige vacht is bekleeiL
Dat gaat zeer goed, als wij alleen denken aan de schapen en
geiten, die wij in onze meeste provinciën gewoonlijk te zien
krijgen. Maar de gesteldheid van de vacht der schapen hangt
ook veel af van het land, dat zij bewonen, en de rammen of
mannetjes hebben ook soms bij ons horens; ja bij het Drentsclie
heideschaap hebben ook de wijQes die. Het verschil tusschen de
horens van de geit en het schaap bestaat vooral daarin, dat zij
bij' de geiten van voren tin van achteren plat zijn, en bij de
schapen aan de beide zijden. Bovendien zijn zij bij de geiten
alleen naar achteren gekromd, bij de schapen, wel niet altijd,
maar dikwijls langs de zijden van den kop naar onderen omge-
kruld. — Geen huisdier is meer van den mensch afhankelijk dan
deze zachtmoedige en weerlooze schepsels, die ons bij hun leven
melk tot schapenkaas en wol tot kleeding. en, na hunnen dood.
vleesch en vet verschaften. De schapenfokkerij is zoo oud, dat
men waarlijk niet zeker weet, van welk in het wild levend schaaji
het tamme schaap afkomstig is; waarschijnlijk van den Moeflon
in Armenie. De verscheidenheid der schapen is zeer groot. Reeds
in ons land ziet men een aanmerkelijk verschil b. v. tusschen hel
Texelsche, Friesche en Drentsche schaap. Op IJsland en de Faroër
hebben de schapen meestal vier horens, schoon er aldaar ook met
drie, zes of acht iiorens aangetroflen worden; zij zijn klein en
leveren grove wol, welke de eilanders in ile lange winteravonden
gebruiken, om er verschillende kleedingstukken van te breien,
die ook naar hier en elders verzonden worden. In Afrika vindt
men schapen, wier staarten alleen vijf of zes pond wegen, en
voor het grootste gedeelte uit vet bestaan. De Spaansche schapen
of Mei'inos zijn bijzonder geacht om hunne fijne wol, en worden
met veel zorg opgepast. Zij komen nooit op stal, maar blijven
des zomers en des winters in de opene lucht. -dIs dat zorgvuldige
Kuiter, Zoojdieren. 5e dr. 6