Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Auteur: Kuyper, Theunis; Lubach, Douwe
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1885
5e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201151
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
71
weven, waarvan de Arabieren voornamelijk hunne mantels vei--
vaardigen (*).
Al wat ik nu van den dromedaris gezegd heb, is ook van toe-
passing op den Kameel, die zich van hem daardoor onderscheidt,
dat hij twee bulten op den rug draagt, en dat zijn hals over-
vloedig met lange haren bekleed is. De kameel wordt door de
bewoners van Middel-Azië nagenoeg op dezelfde wijze gebruikt,
als de dromedaris door de Arabieren en de bewoners van noor-
delijk Afrika. Hij loopt minder snel dan de dromedaris, en wordt
daarom minder gebruikt om er op te rijden, maar meer tot het
dragen van lasten. Ook wordt hij wel voor wagens gespannen.
Aan de noordelijke grenzen van China worden, zegt men, nog
wilde kameelen aangeti'offen.
De Lama noemt men ook wel den Amerikaanschen kameel.
Zij heeft echter geen bult op den rug, en is nauwelijks zoo groot
als onze ezel. Toen de Spanjaarden in Peru doordrongen, kenden
de Amerikanen geen ander lastdier dan de lama. Zij komt
daarin met den kameel overeen, dat zij een langen hals heeft,
dat zij op hare knieën l ust, dat hare voeten op die van den kameel
gelijken, en dat zij om dezelfde reden als deze een geruimen tijd
zonder drinken kan, terwijl haar kop ook min of meer op dien
van den kameel gelijkt. Ook draagt zij met groot geduld de
haar opgelegde lasten, en laat zich door geen geweld dwingen
zwaarder arbeid te verrichten, dan hare krachten toelaten. Als
lastbeest gebruikt men haar langs zeer steile wegen, dewijl haar
tred nog vaster en zekerder is, dan die van den ezel. Zij is ook
eigenlijk een bergbewoonster, en hoort voornamelijk te huis in die
hoog gelegene streken van het heete Zuid-Amerika, waar zelfs de
(*) Het zoogenoemde kemelsharen wordt gemaakt van het haar eener soort van
geit, die gij weldra zult leeren kennen.