Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Auteur: Kuyper, Theunis; Lubach, Douwe
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1885
5e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201151
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
67
menschen in zeer ouden tijd jonge woudezels gevangen, die zoo
goed mogelijk getemd en opgekweekt hebben, en er langzamer-
hand in geslaagd zijn, de afstammelingen dezer gevangenen tot
dien staat van onderwerping te brengen, waarin wij onze tamme
ezels kennen, zoodat zij thans onder de huisdieren mogen ge-
teld worden. Éen gebrek heeft de ezel echter van zijne voor-
ouders overgehouden, en dat is eene zekere koppigheid, die zich
evenwel bij het doorgaans zeer geduldige lastbeest, althans bij
eene goede behandeling, zelden vertoont. In warme landen, zoo-
als Egypte en Palestina, hebben de tamme ezels veel van de
fraaiheid en vlugheid dei- wilde overgehouden, en zijn aldaar veel
meer in achting dan bij ons; maar zij worden ook veel beter
behandeld. Vandaar dat daar ook aanzienlijke lieden hen berijden.
De Zebra gelijkt in grootte en gedaante veel op den woud-
ezel, en is een zeer fraai, maar ontembaar en woest dier. Zijne
met fijne haren bezette huid is zoo zacht als zijde, en versierd
met fraaie dwarse strepen, zwart op een witten grond. De zebra
wordt voornamelijk in het zuiden van Afi-ika gevonden, en ver-
genoegt zich, somtijds in talrijke troepen, met het dorre gras
der bergachtige streken af te weiden. Alle pogingen, die men
aangewend lieeft om dit dier te temmen en tot gehoorzaamheid
te brengen, zijn zonder het gewenschte gevolg gebleven: geen
zebra wil den mensch zijnen dienst bewijzen.
11. tweehoevige of herkauwende dieren.
Deze dieren hebben in de beide kaken kiezen, doch alleen in
de benedenkaak snijtanden; slechts enkele hebben ook in de boven-
kaak snijtanden. Hondstanden ontbreken bij bijna alle. Zij
hebben aan eiken voet twee hoeven, die tegen elkander geplaatst
zijn, waardoor zij het voorkomen hebben van eenhoevige dieren,
r,*