Boekgegevens
Titel: Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Auteur: Kuyper, Theunis; Lubach, Douwe
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1885
5e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201151
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Korte natuurlijke historie der zoogdieren: een leer- en leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
23
een hunner te werpen en hem ijhngs weg te .«leepen. Als hij
hongerig of tooi'nig is, slaat hij met zijnen staart heen en weder,
waardoor hij, naar men zegt, een mensch ter aarde kan werpen.
Bijzonder gevaarlijk is de leeuwin, wanneer zij jongen heeft.
Niettemin tracht men haar toch hare kinderen te ontnemen, om
die op te voeden, dooi'dien zij dan zeer tam worden. Eerst in
hun vijfde jaar zijn de jonge leeuwen volwassen; dan eerst komen
de manen bij de mannetjes te voorschijn, en bekomen zij die
brullende stem, waarvoor alle dieren sidderen.
Hoewel de mannelijke leeuw dikweif de grootte van eenen os
bereikt, zoo is het toch onbegrijpelijk, dat hij een rund in zijnen
muil kan voortsleepen, ja, er zelfs mede over hekken en slooten
springen. Een volwassen Afrikaanschen buffel, olifant en neus-
horen, zal de leeuw echter niet licht aangrijpen; deze diei'en,
waarmede wij weldi'a nader kennis hopen te maken, zijn den
sterke te sterk! Het voornaamste voedsel van den leeuw zijn de
antilopen, zeer vlugge maar weerlooze dieren, die in hun vader-
land, Afrika, troepsgewijze leven.
In vroeger tijd vond men in Afrika veel meer leeuwen dan
tegenwoordig. De geschiedenis vermeldt ons, dat eens binnen
Rome vierhonderd in Afrika gevangen leeuwen bij elkander ge-
bracht waren, om ten vermake des volks met elkaiider te vechten.
Wat zegt gij van zulk een vermaak? Ik hoop, dat gij er een
afkeer van hebt. Welk een hart heeft hij toch, die wreedheid
en bloedvergieten met onverschilligheid kan aanschouwen! En
hoe dan, als die wreedheid en dat bloedvergieten hem tot ver-
lustiging strekken!
Voorheen vond men den leeuw ook in Europa en wel in die
streken, welke thans tot Turkije behooren. Ook in Palestina en
Arabië vond men hem en in het zuidelijk deel van Azië was hij
toen veel minder zeldzaam dan tegenwoordig. — In menagerieën