Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
89
Oder bezit. — De oostelijke grensstroom van Europa is de
Oeral, van het Oeralgebergte, li maal zoo lang als de Rijn.
Op de Britsche eilanden monden aan de oostzijde: de Theems,
niet lang, maar even als de meeste rivieren dezer eilanden tot
vér in 't land bevaarbaar; — de uit Trent en O u s e ont-
staande H u m b e r. Aan de westzijde, in de lersche zee, de
Mersey; — in 't kanaal van Bristol, de Severn, die even
groot is als de Theems. In Ierland de Shannon, het water
van een aantal meren afvoerend.
Laag- en Hoog-land. Stellen wij ons Europa's romp voor,
zonder de ledematen, dan blijft y van het geheel over. Deze
romp is voor j naar het noorden en oosten laagland, en voor
7 naar het zuidwesten bergland. De tussehen het Oeral-gebergte,
de Oostzee en de Zwarte zee gelegen Russische vlakte
zet zich voort naar het westen, zuidwaarts van de Oostzee, onder
den naam van Duitsche en Rijnsche vlakte, tot voorbij
de Zuiderzee, maar wordt naar het westen toe hoe langer zoo
smaller. Op deze ruimte vindt men geen enkelen rotsigen bergrug;
slechts enkele uit zand en leem bestaande landruggen doorsnijden
haar: — de Oeralisch-Baltische hoogten; van het Oeral-
gebergte vormen zij midden door Rusland loopend het brongebied
van Dwina, Düna, Wolga en Dnjepr, voeren op de hoogste plek
den naam van Waldaï-hoogten, en loopen verder door Pruisen,
Pommeren en Mecklenburg naar Holstein; bezaaid met tallooze
meren, bereiken zij het hoogste punt in den ruim 325 meter
hoogen Thurmberg bij Dantzig; —en de Oeralisch-Karpa-
tische hoogten, van de Oeral-rivier, dwars over de stroomdalen
van Zuidelijk Rusland, door Polen, Silesië en Brandenburg, tot
aan de Luneburgsche heide in Hannover; in Polen bereiken zij
de grootste hoogten, van 6 tot 700 meter. De zuidelijkste
streken der Russische vlakten doen zich kennen als wijd-uitge-
strekte, volslagen boomlooze steppen, die de grootste vee-
kudden van Europa voeden. Noordelijker volgt dan de gordel