Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
28

eiland van de Aarde, zoo groot als Zweden en Noorwegen; —
zuidelijker door de Java zee gescheiden ligt het schoonste en
rijkste der Oost-Indische eilanden, onze hoofdbezitting Java,
4 maal grooter dan het moederland; — dit is door de enge
straat Soenda gescheiden van het langgestrekte S u m a t r a,
ruim 3 maal zoo groot als Java. Madoera, Bangka en
Biliton liggen alle ten N. van Java.
In de golf van Bengalen sluiten zich de A n d a m a n-
en Nikobare n-eilanden aan Sumatra's noordspits, terwijl
aan de westzijde van die golf, door de nauwe Palk-straat van
de zuidpunt van Voor-Indië gescheiden, C e i 1 o n ligt, meer
dan dubbel zoo groot als Nederland en nevens Java het schoonste
eiland der Aarde.
Ten westen van kaap Komorin strekken zich de koraal-archipels
der Lakediven en Malediven 220 mijl van het noorden
naar het zuiden.
Ten zuiden van Klein-Azië ligt het eiland Cyprus en ten
westen de Archipel, waarvan ondermeer Rhodos, Samos
en Lesbos tot Azië behooren.
Rivieren. De stroomen van Azië kan men met die van Afrika
en Amerika tot de grootste der Aarde rekenen. Die in de Noor-
delijke IJszee monden, zijn voor handel en verkeer onbedui-
dend , omdat zij hun water in eene moeilijk bevaarbare zee gieten.
De Ö b, uit het Altaï gebergte ontspruitend , is driemaal grooter
dan de Eijn, hij neemt links de Irtisj op, die nog tweemaal
zoo groot is als de Rijn, en deze ontvangt op hare beurt de
Tobol, die op zichzelve grooter is dan de Eijn, en alle van
de oostzijde van het Oeral-gebergte afstroomende wateren ver-
zamelt. — De Jenisseï, ruim zoo groot als de Ob, ont-
vangt rechts drie groote nevenrivieren, waarvan de zuidelijkste
Angara heet, en uit het meer Baikal stroomt, dat bijna
anderhalfmaal zoo groot is als Nederland. — Ten W. van dit
meer ontspringt de L e n a, ongeveer even zoo lang als de
Jenisseï. — Nog oostelijker monden eenige rivieren van de grootte
van den Rijn; al deze stroomen vloeien in hun boven- en mid-