Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
zich hooger, dan spreekt men van een hooggebergte of
Alpengebergte.
pig. 4.
Ofsclioon men dikwerf van hemelhooge bergen leest, is liet
een feit dat slechts weinig bergtoppen de hoogte van ééne
geographische mijl bereiken; zulke reuzen vindt men in 't hart
van Azië. Maar bij de beoordeeling van den hoek van het
hellingavlak, waaronder de gebergten oprijzen , bedriegt men
zich allicht aanzienlijk; daartoe wijzen wij op bijgevoegd
profiel van het aan trotsche natuurtooneelen zoo rijke Zwitser-
land. Hier wordt de juiste verhouding van hoogte en uitbrei-
ding voorgesteld.
De hooggebergten onderscheiden zich van de overige,
doordien zij tot in de bovenste koude luchtlagen door-
dringen, zoodat geen boom, zelfs geen aanzienlijke plant
er op wassen kan, en de sneeuw en het ijs, als ware
men in de poolstreken, er nimmer volkomen wegsmelten;
dus zijn ze tot op zekere hoogte, boven de aldus ge-
noemde sneeuwgrens, met eeuwig sneeuw en ijs
bedekt. Het bovenst gedeelte hunner dalen is derhalve
gevuld met eene soort van korrelachtig ijs, soms mijlen
beslaande, onder den naam van gletschers bekend;
nauw merkbaar smelt dat ijs ouder den invloed der
zomerzon, maar zakt zeer langzaam naar het lager ge-
deelte van het dal, alwaar het benedeneind wegsmelt
en geboorte geeft aan beken of rivieren. De op het
gebergte vallende sneeuw voedt ze voortdurend aan het
bovengedeelte. Dat een aantal rotsblokken en gruis door
die gletschers worden medegevoerd is nogal natuurlijk —
Het zakken van de sneeuw gaat niet altijd zoo gelijk-
matig in zijn werk; dikwerf vallen langs steilten geheele
massa's op eenmaal nfiar beneden, en vormen dan de
zoo verwoestende 1 a w i e n e n.
Een bijzondere soort van bergen, waarvan men er honderden
op de Aarde telt, zijn de vuurspuwende bergen of vul-