Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
14
een korten loop in zee; steppenrivieren verliezen lich
in het zand vau steppen of woestijnen.
De rivieren hebben een bovenloop met veel verval (helling
van het bed, dus grooter snelheid) in het hooge gebergte bij
hare geboorte, — een middelloop in het lagere heuvelland, en een
tragen benedenloop in het lage land nabij de kust, alwaar zij zich
dikwerf in menigvuldige vertakkingen verdeelen en eene delta
vormen. De bedding wordt, van de bronnen naar den mond
ziende, begrensd door een rechter- en een linke r-oever;
somwijlen verbreedt zij zich, eilanden omstrengelend, elders ver-
nauwt zij zich tussehen rotsen en vormt watervallen, — door-
gaans biedt de loop eener rivier veel verscheidenheid aan. De
geheele uitgestrektheid lands, waarvan eene rivier hare voeding
ontvangt, noemt men het stroomgebied; de begrenzing
van naburige stroomgebieden de waterscheiding, gewoonlijk
door een min of fieer hoogen landrug gevormd.
Waar zich eene min of meer groote verzameling van water ia
eene verdieping van de oppervlakte van het land vormt, noemt
men dit een meer; open meren zijn de zoodanige, die door
eene rivier hun water afzenden , — besloten meren die, welke
geen zichtbare uitwatering bezitten; de laatste zijn meestal step-
penmeren en met zoutwater gevuld, de open meren bevatten
gemeenlijk zoetwater. Voorts onderscheidt men ook strand-
meren of 1 a g u n e n, die zoetwater bevatten, ofschoon zij met
de zee in verbinding staan. Zeer ondiepe meren veranderen door
langdurige droogte weieens in moerassen; zoolang er nog
hier en daar waterplassen in voorkomen, spreekt men van poelen.
De naam v ij v e r komt alleen te pas wanneer de plas door kunst
is gevormd. In ontelbare menigte zijn de meren over de Aarde
verspreiden hun verschil in grootte is aanmerkelijk; de Kaspische
zee is het grootste meer, zelfs 14-maal grooter dan Nederland.
Sommigen liggen hoog in het gebergte, anderen liggen nog
veel lager dan de zeespiegel, zooals de bekende Doode zee in
Palestina.