Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
105
Hermópolis. — Het dichtstbewoonde en rijkste deel van
Griekenland zijn de Ionische eilanden, langs de west- en zuid-
kust, waarvan Gorfoe en Zante vooral veel krenten opleveren.
Italië.
Thans één Koninkrijk, behalve de eilanden Corsica, dat
aan Frankrijk, en de Malta-groep, die aan Engeland behooren.
Het is 120 mijl lang en 25 mijl breed, 9 maal zoo groot
als Nederland, met 7 maal zooveel inwoners. Behalve de
uiterst vruchtbare, door den Po besproeide Lombardiseh-
Venetiaansche vlakte en enkele kuststreken, is bijna het
geheele land bergachtig. De lange keten der met dichte bos-
schen bedekte A p e n n ij n e n, die zich ten W. van Genua aan-
sluiten aan de zuidelijkste Alpenreeks, loopt door het geheele
schiereiland; het gebergte van Calabrië, de zuidelijkste land-
tong, zet zich langs Sicilië's noordkust voort. Het middelste
en meest woeste deel van de Apennijnen, de dubbele rij der
Abruzzen, bevat nog beeren en wolven, en de hoogste spits
van het schiereiland, de 3000 meter hooge Gran Sasso
d ' 11 a 1 i a (d. i. groote rots van Italië) verrijst er.
De hoogste top van het rijk is de op Sicilië verrijzende vuur-
spuwende Etna, 3300 meter hoog; dicht bij Napels de 1200
meter hooge vulcaan Vesuvius; tusschen beide ligt in zee
de vulcanische groep der Liparische eilanden, met den nimmer
rustenden Stromboli; uitgedoofde vulcanen kan Italië in me-
nigte aanwijzen. Vandaar de grootte uitvoer van zwavel. Andere
handelswaren zijn: rijst en zijde uit Lombardië, wijn, citroenen
en china's appelen uit Sicilië, enz, wit marmer uit Carrara,
olijf-olie uit Lucca en Apulië, kastanjes, vijgen, amandelen,
rood koraal, stroohoeden , snaren.
Niettegenstaande de vereeniging tot een grooten Staat is het
niet meer het Italië van voorheen, toen alle beschaving, alle ge-
leerdheid aldaar te huis waren. Door wanbestuur, overdadige
weelde, onderlinge veeten en vreemden invloed is de welvaart
geweken, de kunstzin verflauwd en wordt in de meeste gewesten

A