Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijksbeschrijving
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Gorinchem: J. Noorduyn en zoon, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5817
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201148
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijksbeschrijving
Vorige scan Volgende scanScanned page
algemeene aardrijksbeschrijving,
Be Aarde als homellichaam. -
-Onze Aardbol is een der acht groote planeten, draait
evenals deze om de Zon en ontvangt evenals deze daarvan licht
en verwarming. Met nog ruim 200 kleinere planeten, die
gezamenlijk Asteroïden worden genoemd, bewegen die
planeten zich in eenijrszins langwerpig ronde banen rondom de
Zon, welke eene der vaste sterren is, die haar eigen
licht bezitten. De Zon is zoo groot, dat men er millioen
aardbollen uit zou kunnen vormen, en draait zelve om haar as.
De afstand der planeten van de Zon is zeer verschillend :
MercuriusisS, Venus 14 millioen mijlen van haar ver-
wijderd, de Aarde ongeveer 20 millioen; Mars, de groep der
Asteroïden, Jupiter, Saturnus, Uranus en
Neptunus weder veel verder, de laatste zelfs ruim 30 maal
verder dan de Aarde. Even verschillend is haar grootte en de
tijd waarin zij haar loop om de Zon volbrengen.
Om sommige der planeten als middelpunt wenden zich weder
kleinere bijplaneten of wachters, zooals de Maan rondom
de Aarde op een afstand van slechts 52000 mijl, weshalve het
lichaam der Zon bijna de dubbele ruimte aanbiedt, om — ware
zij hol — de Aarde met de maanbaan te bevatten. He Maan
legt haar weg om de aarde afin ongeveer Si 7 ^ dagen, maar het
duurt ruim 29è dagen eer zij van de Aarde af gezien, weder recht
tegenover de Zon staat, omdat gene intusschen ook is voortgegaan.
Al naar de Maan de door de Zon verlichte zijde geheel, li a I f of
in 'i geheel niel naar de Aarde keert, spreekt men van volle
maan , laatste kwartier, nieuwe maan en eerste kwartier.
Staat bij volle maan Zon, Aarde en Maan in dezelfde rechie lijn, dan
valt de schaduw der Aarde op de Maan en ontstaat er eene maans-
verduistering; komen bij nieuwe maan Zun, M;ian en Aarde in
zulk een stand, dan kunnen de zonnestralen niet door de Maan heen
lot de Aarde naderen cn er hebben gebeele, gedeeltelijke en ring-
vornjige zonsverduisteringen plaats.
1
1