Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
en andere fijne vruchten, ten slotte de boomgaarden van
appelen, peren, kersen en bessen. Van alhetbon-w-
land wordt gebezigd: tot den bouw van rogge 25,9, van aard-
appelen 17,3, van tarwe 11,2, van haver 13,5 , van boekweit
8,6, van boonen en erwten 7, van gerst 7,1 van vlas en
hennep 3, van meekrap 0,8, van fgne zaden 0,6, van tabak
0,2 pet.; met de speciale teelten te zamen ruim één-vierde van de
geheele oppervlakte van Nederland beslaande. Van veel be-
lang zijn de bosch-aanplantingen, zij maken geen
onaanzienlyken tak vaa volkswelvaart uit en beslaan ruim
één-vyftiende gedeelte van het land; onder het opgaand ge-
boomte ontmoeten wij meest beuken, eiken, iepen,
populieren, berken, esschen, wilgen en naald-
hout, zooals sparren, dennen en lorken (larixen). Het
winstgevend akkermaals- of hakhout bestaat grooten-
deels uit elzen, beuken, eiken, wilgen, eschdoorns
en eene menigte minder talrijk voorkomende soorten.
Bijna twee-vijfden van Nederland zijn toegewijd aan het
hoofdbedrijf, de veeteelt en zuivelbereiding, en worden
gedeeltelik als wei- en gedeeltelijk als hooiland toebe-
reid en gebruikt, terwijl op menige plaats de verbouw van
voedergewassen met den graanbouw afwisselt, zoodat
een goed deel van het wintervoedsel op die wijze wordt
gewonnen.
Na aftrek van de ruimte door meren, rivieren, kanalen,
polderboezems, straten, pleinen, wegen en huizen ingenomen,
blijft er in Nederland eene oppervlakte over van ongeveer
3,000,000 hektare bebouwd, bebouwbaar of onvruchtbaar land;
dit kan men aldus verdeelen:
duurzaam weiland........ 1084000 hektare.
klaver, kunstweiden en voedergewassen . 165000 »
tarwebouw.......... 87000 »
rogge- en boekweit....... 264000 »
haver en gerst......... 189000 »
boonen en erwten........ 55000 »
warmoezerij en boomgaarden..... 43000 >
aardappelen.......... 134000 »
handelsgewassen, speciale teelten . . . 67000 >
bosschen........... 225000 »
braakliggend.......... 21000 >
woeste gronden . ........ 666000 »
3