Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
de Warnservaart te Stavoren met de Zuiderzee in
verbinding staande ; — de vaart van Harlingen langs Fra-
neker, Leeuwarden en Dokkum naar de Lauwerszee:
het benedenpand volgt grootendeels de voormalige Ee, en
de geheele vaart is voor zeeschepen bruikbaar gemaakt; —
de vaart van Leeuwarden naar het zuiden, langs Grouw
en door het Sneekermeer, de Wijmers, hetSlotermeer,
door Sloten en de Ee-stroom naar Takozyl of ook
door de Lange-sloot oostwaarts naar de Lemmer. Wg
noemden alleen de voor vry groote schepen bruikbare vaarten
in Groningen en Friesland; dat beide provinciën tal-
rijke trekvaarten en kanalen bezitten, welke alle plaatsen van
eenig belang met elkander in gemeenschap stellen, draagt
veel bij tot de algemeene welvaart.
Van de stad Groningen voert het nieuw aangelegd
Noord-Willemskanaal naar Assen, alwaar het in
verband is gebracht met de 9 uur lange Drentsche
Hoofdvaart langs Smilde naar Meppel; by Assen
zyn stoomgemalen opgericht om beide kanalen behoorlijk
te voeden. Het plan tot verbinding der Drentsche en
Friesche vaarten bij Appelscha bleef nog alty d onuitgevoerd,
hoe wenschelyk ook voor de binnenlandsche scheepvaart; —
oostwaarts voeren uit de Hoofdvaart het Oranje-ka-
naal en van Meppel de Hoogeveensche vaart en
hare verlenging naar de uitgestrekte Bargerveenen in
oostelyk Drenthe.
In Overysel zijn in de laatste jaren verscheidene be-
langrijke kanalen gegraven; thans is Zwolle met Almelo
door een kanaal vereenigd, een zijtak wendt zich naar
Deventer, een andere naar Coevorden; — de Dedems-
vaart van de Vecht beneden Gramsbergen naar het
Zwarte Water bij Hasselt, met niet onbelangrijke zy-
takken in de hooge veenen; — door het Lichtmis-kanaal
is Zwolle te water in gemeenschap gebracht met de D e-
dcmsvaart; — de thans voor groote schepen bevaarbare
Willemsvaart verbindt Zwolle met den IJsel by het
Katervee r.
In Gelderland is A peldoorn door het Griftkanaal,
de bevaarbaar gemaakte Grift, verbonden met den IJsel bij
Hattem en het nieuw gegraven Kanaal naar Dieren
vormt de verbinding van Apeldoorn met die rivier in zui-
delyke richting; de Haven van Ny kerk naar de Zuider-