Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
■236
landbouw ontwikkelde zich hier buitengemeen , daar deze Vor-
stenlanden vroeger de eenige streken waren, alwaar de Eu-
ropeanen zich op vrije kuituur konden toeleggen. In de
hoofdstad Soerakarta, eigenlijk eene vereeniging van in't
groen verscholen dorpen, over 4 uur oppervlakte verspreid
en 100000 inwoners tellende, resideert de Keizer in een
door uitgestrekte tuinen omringden kraton-, de Resident
woont iu een fraaie Europeesche wijk, welke door een groot
fort en flink garnizoen beschermd wordt. Klatten is eene
gewichtige sterkte aan den weg naar het
x. Koninkrgk Djokjokarta, aan de zuidkust, ruim zoo
groot als Friesland en dichter bevolkt (425000 inw.); niet
zoo vruchtbaar als Solo, maar door water-leiding en -ver-
spreiding zorgt het bestuur voor meerderen bloei; koffie, suiker,
indigo, peper, djatihout eu vogelnestjes zijn de belang-
rgkste voorbrengselen. De Koning woont in de stad Djok-
jokarta, voorheen Mataram genaamd, en iu de Euro-
peesche wijk houdt de Resident verblgf; beschermend fort en
garnizoen ontbreken mede niet in deze stad van 50000 in-
woners; de ligging is merkwaardig schoon. De werkzame
vulkaan Me rap i verrijst op de grenzen der beide Vorsten-
landen en draagt aan zijn zuidelijke helling de uitgestrekte
ruïnen nabij Brabanan.
Sumatra en omringende eilanden.
§ 172. Sumatra ligt ten noordwesten van Java, tus-
schen straat Soenda, de Java zee, straat Bangka, de Chineesche
zee, straat Malakka, de golf van Bengalen en den Indischen
Oceaan, dwars onder den evenaar, van den Vlakken Hoek
onder 6' Z. Br., tot Atsji-hoofd op 6^ N.Br. Op 8000 vier-
kante mijlen leven waarschijnlgk nog geen 4 millioen men-
schen en de grootendeels onbekende binnenlanden zijn dan
ook schaars bewoond. De bergketen Boekit Barisan van bijna
300 uur lengte, met toppen van ruim 3000 meter hoogte, zooals
de Gocnong Dempo, de piek van Indrapoera, de
Ophir en de Merapi, loopt langs de westelijke kust en scheidt
het eiland in een nog niet 30 uur breed, zeer bergachtig,
kustland in het westen en eene dikwerf tot vlakten en moe-