Boekgegevens
Titel: Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Auteur: Kuyper, J.
Uitgave: Leeuwarden: Hugo Suringar, 1878
Leeuwarden: Corporatieve Handelsdrukkerij
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-562
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201128
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nederland, zijne provinciën en koloniën: land en volk beschreven
Vorige scan Volgende scanScanned page
133
zen veen, merkwaardig door eene rij smaakvolle huizen waar-
op menig stad trotseh zou wezen, allen bewoond door zooge-
naamde Russen, dat zijn Vriezenveeners die te St. Petersburg
in den manufactuurhandel fortuin gemaakt hebben; ook de
teelt en de handel van fijne zaden zijn er niet onbelangrijk;
Tubbergen en Denekamp met papiermolens en weve-
rijen liggen oostelijker; Rijssen, half stad half dorp, met
ruim 3500 inwoners in de uitgestrekte gemeente, bezit be-
halve eene verscheidenheid van manufactuur- en andere fabrie-
ken , 25 steenbakkeryen; eindelijk ligt in het uiterst
zuidoosten de bijna 4700 zielen tellende gemeente Haaks-
bergen met vrij wat nijverheid, al is landbouw hoofdzaak.
Rondom Enschede breidt zich de gemeente Lonneker uit,
die ruim 11000 bewoners telt en eigenlijk met de stad is
samengegroeid, en op welks gebied de meeste stoomfabrieken
van dit centrum der katoennijverheid verrijzen.
V. GELDERLAND.
§ 110. Tusschen de Zuiderzee en Overijsel ten noorden,
het Koninkryk Pruisen (provinciën Westphalen en Rijnland)
ten oosten en zuidoosten, Limburg en Noordbrabant ten
zuiden, Zuid-Holland en Utrecht ten westen, ligt dit uit ver-
schillende vroeger zelfstandige landstreken saamgesteld gewest,
dat na de toetreding tot de Unie van Utrecht in 1579 door de
Algemeene Staten steeds als ééne provincie is beschouwd.
Het bestaat uit een groot gedeelte van het Hertogdom Gel-
der (eigenlyk Neder-Gelder of de Kwartieren van Arn-
hem en van N ij m e g e n) en het Graafschap Zutfen, welke
beide hoofddeelen in 1543 by het Rijk van Karei V werden
ingelijfd; voorts behooren er thans toe de van de Republiek
der Vereenigde Nederlanden onafhankelijke Graafschappen
Kuilenburg en Buren, het dorp Acquoi, de Heerlijk-
heid Spijk, het slot Loevestein en eenige voormaals
Pruisische bezittingen naby Huissen, Zevenaar en Lobith.
Tegenwoordig is Gelderland verdeeld in de Arrondisse-
menten: Arnhem met de Kantons Arnhem, Zevenaar, Wa-
geningen, Nijkerk, Harderwijk, Elburg en Apeldoorn;
N y m e g e n met de Kantons Nijmegen, Wijchen, Eist en Dru-
ten; Tiel met de Kantons Tiel, Geldermalsen, Kuilenburg
en Zalt-Bommel; en Zutfen met de Kantons Zutfen, Lochem,