Boekgegevens
Titel: Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Auteur: Lagerwey, J.
Uitgave: Amsterdam: C.L. Brinkman, 1871
4e, verb. en verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5790
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201119
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Lagerwey's Aardrijkskunde van Nederland en zijne overzeesche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
115
de Ban da-eilanden, als: Banda-Neira, Groot BandaofLon-
thoir, Goenong Api of het Brandende Eiland.
Verder behooren nog aan de Nederlanders:
de Zuid-W ester- en de Zuid-Ooster-eilanden, de Key-Archipel,
de Timor-Laut-Archipel, de Aroe-eilanden, Sangir en Talaut,
de W.-helft van Timor, en het W.-deel van Nieuw-Guinea.
Grootte, bevolking en taal. Op eene uitgestrektheid van on-
geveer 29,000 □ geogr. mijlen leeft eene bevolking van ongeveer
16 mülioen zielen onder Nederlandsch gezag. De bewoners
belïooren tot de Maleische en de Australische rassen, en wor-
den onderscheiden in: Maleiers, Javanen, Battas, Da-
jakkers, Boegineezen of Makassaren en Alfoeren.
Maleisch wordt gesproken op Sumatra, een deel van Borneo
en Java; Javaansch op Oostelijk Java, Bali en Lombok; Soen-
daasch in de nabijheid van straat Soenda; Boegineesch vooral
op Celebes; Timoreesch op Timor.
Zeeën. De Indische Oceaan, de Chineesche zee, de Groote
Oceaan, de Java-zee, de Mindoro-zee, de Soeloe- en Celebes-
zee, de Moluksche zee, de Banda-zee, de Harafoera-zee.
Straten. De straten van Malakka, Singapore, Banka, Gas-
par en Billiton, de Karimata-passage, straat Soenda, de stra-
ten van Madoera, Bali, Lombok, Alias, Sapi en Sandelhout,
van Flores, Pantar, Ombaai, Wetter en Rotti, straat Makas-
sar, Molukken-passage, Gilolo-passage, W.-Dampier-straat,
Balante- en Boeton-straat.
Vorm van bestuur. Een Gouverneur-Generaal bestuurt
onze bezittingen in naam des Konings, en wordt bijgestaan
door den Raad van Indië, bestaande uit een vice-president
en vier leden. Hij is opperbevelhebber der land- en zeemacht.
Directeurs staan aan het hoofd der verschillende departemen-
ten. Voor het onderzoek der rekeningen en verantwoordingen
van ambtenaren bestaat er eene Algemeene Rekenkamer.
Het bestuur is verder toevertrouwd aan gewestelijke Euro-
peesche hoofden, als: gouverneurs, residenten, assis-
tent-residenten en controleurs, bijgestaan door in-
landsche hoofden met de titels van Sultan, Keizer, Vorst,
Radja, Regent, District- of Dessahoofd enz. Men onderscheidt
echter de eigenlijke bezittingen en de ^leenroerige of schatplich-
tige landen.
Land- en Zeemacht hebben gen er aal-officier en als be-
velhebbers.
De sterkte van het leger bedraagt gemiddeld 29.000 man.
De zeemacht telt gemiddeld 30 oorlogsbodems, bemand met
4035 koppen.
Godsdienst. De bewoners zijn: Boeddhisten, Mahome-